Enkele regels uit het Hooglied
zoet is de geur van je huid. Je naam klinkt prachtig.
Hooglied 1.3
Vertel me toch, mijn liefste waar ga je heen (...)?
Hooglied 1.7
Ik wil met mijn tong zijn zoete vruchten proeven.
Hooglied 2.3
De liefde maakt me ziek.
Hooglied 2.5
Beloof me meisjes van Jeruzalem, dat je ons alleen laat zijn in de liefde.
Hooglied 2.7
Laat me je gezicht zien, want dat is zo mooi! Laat me je stem horen want die klinkt zo prachtig!
Hooglied 2.14
‘s Nachts in mijn droom zoek ik mijn liefste, ik zoek hem, maar vind hem niet. Laat ik opstaan en door de stad gaan lopen, langs de straten en over de pleinen. Ik zoek mijn liefste, ik zoek hem, maar ik vind hem niet.
Hooglied 3.1
Kijk me niet zo aan. Je ogen maken me onzeker.
Hooglied 6.5
Vergeet mij niet draag mijn liefde als een ketting op je borst, als een armband om je arm. De liefde is zo sterk als de dood, niemand houdt de liefde tegen. De liefde lijkt op een vuur, een vuur dat hevig brandt. Geen zee of rivier kan dat vuur ooit blussen want de liefde houdt nooit op.
Hooglied 8.6-7














