Abstract 2Â Acrylic on canvas 75/115 cm SOLD

@theartofmadeline
h

gracie abrams
Lint Roller? I Barely Know Her
d e v o n

Discoholic đȘ©
The Bowery Presents
Not today Justin


izzy's playlists!

⣠Chile in a Photography âŁ

Jar Jar Binks Fan Club

Andulka
Sweet Seals For You, Always
noise dept.

oozey mess
occasionally subtle

ellievsbear
Noah Kahan

seen from United Kingdom

seen from United States
seen from United Kingdom
seen from Mexico

seen from China
seen from TĂŒrkiye
seen from Italy

seen from Brunei

seen from China

seen from Malaysia

seen from Canada
seen from Spain

seen from Thailand

seen from China
seen from United States
seen from Kazakhstan
seen from United States
seen from United Kingdom
seen from United States

seen from United Kingdom
@julesjordens
Abstract 2Â Acrylic on canvas 75/115 cm SOLD

Anya is live and ready to show you everything. Watch her strip, dance, and perform exclusive shows just for you. Interact in real-time and make your fantasies come true.
Free to watch âą No registration required âą HD streaming
âIk kocht een van Gogh replica in de giftshopâ Acryl and marker on canvas 50/70 cm txt: â1. Ik kocht een van Gogh replica in de gift shop. 2. Tweemaal hoera voor de democratie we herkennen lelijkheid wanneer we het zien maar worden gedwongen in één fantasie van de twee beangstigend beknopte visies: ben je alt-right of een soja linky-winky? dit is de straatpoĂ«zie van de nothing-in-between geen compassie want de andere kant liegt 2x hoera voor de democratie
3. Je denkt wat hebben die bloemen dan te maken met die gemakkelijke aanklacht tegen het moderne politieke spectrum? niet veel maar het luchtte wel op... en verder niets meer: ingerukt mars! er valt nog een heleboel te repareren in huis en lievelingetje je wordt er ook niet jonger op. Laat de namaak maar bij de deur en smul van de pittoresk gefotografeerde maaltijd. Alles is maakbaar, het eten, de lamp, de vaas op de tafel... zelfs jij bent maakbaar zolang je maar doet wat ik je zeg dus hup, er is werk er komt wellicht bezoek. Een jonge dichter uit Hasselt tenminste als hij niet afzegt. 4. 9;99 euro voor dorre zonnebloemen. Hopelijk gaat het geld integraal naar een boeket chrysanten voor het graf van van van Gogh: ik hoop het echt. Mij bekommeren om het nu is vermoeiend. Ik vrees alleen nog maar niet genoeg betaald te worden na mijn dood.
âPunk gazing at skyâ Acrylic and oil pastel on canvas 50/70 cm
â13 gedachten over hoofdâ Acrylic + marker on canvas 90/90 cm
Untitled Acrylic on canvas 50/70 cm
SOLD txt: âik weiger te bedelen of te klagen en zoek deze dagen troost zij het in muziek poĂ«zie of het visueel begeesterende en hoop dat ik één iemand zĂł inspireer.â

Anya is live and ready to show you everything. Watch her strip, dance, and perform exclusive shows just for you. Interact in real-time and make your fantasies come true.
Free to watch âą No registration required âą HD streaming
The Sprite Life
Ik dacht dat ik mijn vrienden kende.
Deze middag, na een wandeling door de sneeuw die geen sneeuw mocht zijn, vertelde Jolan mij dat we misschien wel gedoemd zijn om voor eeuwig de vier seizoenen door elkaar mee te maken. âEen beetje zoals je van een filmpje van een kat in een massagestoel doorklikt naar een warenhuis-ontploffing in Beirut. Alles door elkaar.â We schakelen voortdurend. De geest verwerkt alle input tot een emotionele pap waar we niet goed meer de smaak van kunnen achterhalen. We voelen wel, maar we staan het ons niet toe om de momenten volledig in ons op te nemen vooraleer we doorgaan met het volgende: de stress van de volgende taak zwelt al aan wanneer je pas aan één begint. Je huidig lief kan in je hoofd niet tippen aan de volgende. En de volgende komt. Ons denken is gewoon geworden aan deze extreme sprongen. De weersomstandigheid moet maar volgen.
 Dat voortreffelijk inzicht, dat voortvloeide uit iets wat ik altijd als pure vriendschap had geacht, iets wat de buitenwereld beschouwt als een gesprek tussen twee mannen, maar wanneer het beter zou beschouwen: twee vrienden, twee vrienden met een hart, en verdriet, en vreugde, die ze kunnen delen, werd brutaal verstoord toen ik naast Jolans nonchalante handgebaren een blikje Sprite gewaar werd. Het blikje Sprite dat ik die ochtend goedgeluimd maar naĂŻef in de supermarkt had aangekocht. Nota bene met het weinige geld dat ik voorlopig heb kunnen verdienen met schrijven, sinds ik vanaf 2019 de onhebbelijke behoefte kreeg om me te moeten gaan âbewijzenâ. Dat blikje Sprite. Mijn blikje Sprite.
 Ik denk aan die ene zomeravond, met een meisje wiens naam ik heb moeten vergeten, in een tent op de festivalcamping. We waren aan het vrijen en halverwege (nu ja, toen ik jong was waren er nog ârondesâ) stond ze op omdat ze dringend naar de wc moest. Om tijdens het wachten de tijd wat te doden nam ik mijn gsm en las ik een artikel over een treinramp. MĂ©t bijhorende gruwelbeelden van Italianen die wanhopig om hun gestorven familieleden jammerden. Het menselijk leed was niet te vatten. Daarna kwam het meisje zonder naam terug. Ik wist niet wat het moeilijkste was om te negeren: mijn drang om te vragen of ze haar handen had gewassen of de gruwelbeelden die ik tijdens het wachten had bekeken. Maar bij de aanblik van haar jonge lichaam, dat in de schemer op de tast op zoek ging naar het mijne, en de herinnering van het contact dat we hiervoor hadden gehad, onderdrukte ik moeiteloos alles wat in me opkwam. En ging het jong zijn voort. Het was een rollercoaster.
 Ik staar bleekjes en beduusd door het raam dat ondertussen de herfst aan ons wilt laten zien. Ontnomen van alle beleving, wordt alles wat âmijn vriendenâ zeggen een waas. Exact zoals in die scĂšne van Saving Private Ryan wanneer Tom Hanks een tank opblaast met een handpistool.
Is Jolan te ver gegaan of overdrijf ik? I didnât choose the Sprite Life. The Sprite Life didnât choose me. The Sprite Life was never a choice. Maar is deze wet universeel? Moet ik hem vergeven? Ik graaf wezenloos in mijn schedel naar een antwoord. Is dit een ongeval? Of is dit een ziekelijke âtestâ van het ene levend organisme voor het ander? Ik walg bij de gedachte dat dit een test zou moeten voorstellen. We stoefen dat mensen geen dieren zijn, maar geen dier stelt een ander op zo een dierlijke manier op de proef. Moet ik mij geduldig tonen? Vergevingsgezind? Ik weet niet meer wat te denken. Maar deze middag voel ik me als een trein, die met al zijn wagons vol perfecte gestructureerde emoties op het punt staat om zich plat te drukken tegen een stilstaande muur.
1917
Toega, in het rijk van de Evers en Veerberen
Hoort Allen, en leen me uw oor
Voor 't verhaal van Koningin Schimmeldoor
Uw trouwe verteller was hier niet alleen
Maar samen met Toega de Tortel op been
Toega was wijsgeer, dokter, druĂŻde
En kort vooraleer de vrede geschiedde
Tussen de woeste Evers en de stam
van de Veerberen; sloeg de vlam
In de pijp tot een vurig hoogtepunt
Waar uw nederige verteller zich middenin bevond
 We trokken door het barre Brinkland
Op een steenworp van beschaving
Waar de nomadenculturen hand in hand
Zich gezamelijk aan kennis konden laven
Maar op een dag, brak het contact
Schimmeldoor werd ziek, de relaties zuur
Gif en geweld doordrongen de setting
En Toega's geduld en kennis moest als vuur
de schakels smeden van de ketting
 Aan de ene oever van de rivier 'Stronk'
Woonden de âVeerberenâ, een stam
Die bedachtzaam en respectvol dronk
Van de vruchten en bomen van het land
Ze lijken op varkens, maar dan meer verfijnd
Rechtopstaand met vingers klein
en snuiten rond - Handelaars wiens
haar zich door rituelen in vlechten bevond
Met een triumviraat als leiders, alledrie 'n man
met zintuigâlijke titels: het Oog, het Oor, de Mond
 In tegenstelling tot de beheerste praktijken
Van de Veerberen, leefden aan de overkant 'Evers'
Ruwe, bolsterige, krijsende schreeuwers
Die woest knollen aten; wortels wroetten, eikels!
Aan de droge duinen, uitgedroogde rivierbedden
Hadden zij niet de groene vingers voor irrigatie
Dus joegen ze door de woestijn uit irritatie
En uit hebzucht en lust; Zo verwedden ze goor
Hun lange termijn, conform het adagium
Van Hun Opperhoofd Koningin Schimmeldoor
 En dus! Trokken Toega en uw gedweëe Verteller
Aanvankelijk rustig langs de delta van de Stronk
en doken in de wond'rlijk botanisch werreld
van dit droog klimaat dat van de rivieren dronk
Toega liet me allerlei planten zien
Zoals de MAANROOS die enkel bloeide 's nachts
(vanwege de koelte) en die het licht van de sterren vangt
En de SNORHAREN VAN FELIEN
Die zilverwit opspringen langs de oeverkant
Maar toen we lichtjes het wateroppervlak bevoelden
Veranderde onze wandeling al snel in een jacht:
opeens werden we gevangen in de netten van twee Evers
Waar eentje toen gevaarlijk sprak:
"Ik ben Kurzel, dit is Kras, wij hebben opdracht
Om jullie spionnen te arresteren, volgen mag"
Ze voerden ons naar de leren tenten die gerooid
In het zonlicht roken naar honger en huid
En hoe we ook smeekten, ze lieten ons er niet meer uit
Daar zaten ook Veerberen vast: welgeteld drie
âHet is ongezienâ, zei het Oog, âhet is ongehoordâ, het Oor
Maar de Mond zei wijselijk helemaal niets
 Maar Toega had een plan: en sprak toen tot Knars
âBeste varken, wij zijn geen spionnen, zoals u zietÂ
Zijn wij reizigers, niet van hier en niet verdacht
Ik heb gehoord: uw Koningin Schimmeldoor is ziekÂ
Ik ben druĂŻde; en kan haar mijn hulp bieden
En als bewijs van mijn goed gedrag
Heb ik hier in ruil voor uw trust
de allerlekkerste appel die ik mag ontvouwen.â
(omdat hij wist dat een Ever zijn eetlust
Nauwelijks in toom kan houden)
 We kwamen bij de koningin, monsterachtig groot
Met poten als bomen; een buik als een luchtballon
Ze lag te kreunen van de pijn, reutelend, vuurrood
maar niets is iets wat Toega afschrikken kon
Hij leunde op zijn staf en sprak rustig tot mij:
âSteek je arm eens in haar neusgaten en grijp!
Grijp maar eens goed; er zit daar iets van kwade,â
Ik volgde zijn bevel en vond tot mijn verbazing
In haar neusholte een klein beeldje van klei
En warempel de Koningin kwam terug op adem!
 Al snel was ze beter, en even snel wij weer vrij
En de tijden van gulzig plunderen waren voorbij
Er was pees en vree voor Veerberen en Evers
Ze zwaaiden ons uit toen wij voort moesten bewegen
Met een goed maal en een verhaal op de levers
Vroeg ik Toega, waarom ze ons wouden vangen
Hij sprak: âWij Tortels verschillen met de varkens
En wel om deze reden:
Zij moeten een ander eerst kennen
Vooraleer ze kunnen leven in vrede"
DOORNS/DOORNEN
241. Het zit binnen. Het zit in een bolster en het zit in de pit. Het is besnaard, gelaarsd, bekneld en ingegespt. Het zit. In een hoek van een kamer zit het gebrandschilderd, stroperig opgeplooid in een kwijlige lach. De lippen blauw als in flitsend glas. Het moet slikken. Dat is moeilijk met een knevel. Wat proeft het, bloed? Metaal in de hoek van de keel. Het heeft honger, het heeft dorst. Hoelang nog? De deur schuift open. Water. Het moet drinken. Het ruikt latex, knarsend rond Haar enkels. Het is een zielig en dorstig dier. Dat moet het zeggen. 242. Het zit binnen. Het is een geschoren bolster zonder pit. Glad als hondenspeelgoed. Zacht als een bleekwit zeepgezicht. Het is niks; bedoelt het. Het is geslachtsloos. Het kijkt naar buiten, gekneveld, naar dezelfde tuin. Alles is ongeveer één herinnering. De moslima met de tamboerijn, de zomersproeten, de calippo's die druppelen op de afgrijselijk katholieke strandhanddoek, de vliegen die ze wegwuiven, oranje lippenstift op het autoraam en zandkastelen van kurkuma. Het voelt de hitte. De deur schuift open. Water. Het is een zielig en dorstig dier. Water! Het smeekt toch dat het niks is? Het mag niet drinken. Het is niks. Het mag niks. Het krijgt een masker van naalden opgeprikt. Van doorns en doornen. "Van doorns en doornen," zegt het.
243. Het zit binnen. Het zit in een bolster. Een traan vermengt zich met bloed. Maar vandaag wordt het wakker. Zij is nog niet hier. Uit het raam klinken de stemmen van 72 moslimmeisjes; engelachtig met tamboerijnen en bellen. Het heeft een geslacht. Dat zegt Hij heel zacht. Hij moet weg. Dus leert het liegen. Het is niks; liegt Hij. Het is een dier, liegt Hij. Het kent geen danseressen. Er zijn geen tamboerijnen. Er is enkel latex. Het is een dorstig deplorabel miezerig zielig nietszeggend onzichtbaar dier. Maar eens Ze weg is, wordt Hij wakker. Het knaagt. Hij wroet. Het worstelt totdat de draden knappen, totdat de riemen scheuren. Het huilt, Hij vloekt. Het moet. De stoel springt naar het open raam, snakkend als een bezetene wrikt hij zich los uit de bolster. Heilig en vrij! Hij is hij! "Wat doet het," klinkt het vanuit de deurpost. 244. Het zit binnen.

Anya is live and ready to show you everything. Watch her strip, dance, and perform exclusive shows just for you. Interact in real-time and make your fantasies come true.
Free to watch âą No registration required âą HD streaming
Untitled Acrylic on canvas 50/70 cm txt: âGezien dat gedoe met dat klimaat, doet u ons nog maar snel twee pinten.â
Ik zie een man met een hond
Donderdag 13 augustus
Ik zie een man In de regen op een deken Met een hondje naast zijn zij Hij heeft gezwollen wallen en Hoest over het geluid Van de straat Die wordt opengebroken Door de modder Daar een moeder Met een dochter Me tegemoet loopt Zet ik een stap opzij En wacht De man is oud en ik word  Ouder In het hoofd tast ik naar geld Dat ik niet snel zal vinden - Waarop ik in gedwongen stilte kennis neem Van zijn oneerlijke situatie En hem enkel met een spijtig gezicht Begrijp 'Oh mama, kijk een hondje,' zeg ik haar na, Wanneer ik even later de hoek omsla
"Speerzucht" Acryl op canvas 60 cm x 80 cm txt: 1. Door verschoven Spelen en een lege festivalzomer Groeide voedselverzameljagen Uit tot populair surrogaat- entertainment 2. Eenzame wolf verwijdert Onzichtbaar de vluchteling
De Kapitein en de Zes Bevers, een verhaal door Seneca en De Dode Van Gogh
Woensdag 12 augustusÂ
Ik schreef gisterennacht impromptu een verhaal samen met Seneca terwijl we aanwezig waren in een kring van jonge, frisse fotografen. Er werd gebabbeld over neo-punk, zelfverminkende kunstenaressen die hun eigen genderspecifieke lichaamsdelen opaten, Ă©n gewelddadige vormen van protest. Het was allemaal een beetje duister voor de klassieke ziel van Seneca, maar het bevreemde hem ook op een nog ongekend aangename manier. Hieronder volgt onze improvisatie. Het verhaal is getiteld âDe Kapitein en de Zes Beversâ.
De Kapitein en de Zes Bevers Een verhaal door Seneca en De Dode Van Gogh
Toen de zedenpolitie de broodjeszaak goed en wel had gevonden, waren de zes bevers, natuurlijk, al lang gevlucht.
Het bouwen van een dam van brood was in slechte aard gevallen bij de mensen; ze hadden namelijk brood nodig en aan delen met dieren werd vandaag niet gedacht.
âDie vervloekte bevers stelen onze koolhydraten!â riep een klant met haar handen in de lucht. âOnze kwadraten?â vroeg de kapitein van het blauwwitte politieteam. âWel, dat weet ik niet,â antwoordde ze met een boterkoek tussen de tanden,â maar dat kan ook! Waarschijnlijk wel.â
âNu ik erbij nadenk, ik heb gisteren nog een dekselse bever met een ludiek brilmontuur een reeks vierkantswortelvergelijkingen zien oplossen,â vervolgde ze smakelijk smakkend, âhij at hier een broodje Kip-Curry zĂłnder groenten! Ze mogen zich dan wel voordoen als geleerden, als redders van onze zonden⊠voor mij blijven het BEESTEN.â
âVertel me niets over dat broodje zonder groenten,â zei de kapitein stilletjes zodat zijn collegaâs het niet hoorden, âdat bespaart me heel wat papierwerk. Je weet hoe dat gaat tegenwoordig. Vertel me liever welke richting die houtkakkers uitgingen.â
De klant wees beduusd naar het spoor dat de bevers hadden achtergelaten. Er lagen hopen brood en hout naast hun hazenpad. De besnorde korpschef volgde gezwind en kwam uit op een berg van brood en schaterlachende bevers (die bovendien allemaal een bril droegen en de stelling van Pythagoras scandeerden).
En toen de kapitein zijn handboeien in één sierlijke beweging van zijn heupen zwierde, kwam hij tot het ongelukkige besef dat hij de mensen-handboeien, en niet de bever-handboeien, deze ochtend uit zijn kluisje had gehaald. Hij wist op dat moment dat hij geen andere keuze had dan over te schakelen naar ongrondwettelijke maatregelen.
Zijn Colt .45mm bevatte zeven patronen. Er waren zes bevers. Hij kon het zich veroorloven één keer te missen. In een blinde woede schoot hij zes keer raak. Dat was een heleboel papierwerk, bedacht hij zich toen hij bedaarde. En daar had de kapitein allesbehalve zin in. Hij keek naar het warme handwapen dat terwijl het nog stoomde nog juist één kogel bevatte. Hij sloot voor een lange stilte zijn ogen.
Hij dacht aan het voorval met de dassen, dat hem exact een jaar geleden in de eindeloze kluwen van de administratie had gedwongen, en verzekerde zichzelf dat één kogel vele malen lichter weegt dan die eindeloze stapels van ingebonden papier. Hij dacht aan de beslissing om de pensioenleeftijd tot 67 op te trekken. Hij dacht aan zijn vrouw. Aan haar moeder, maar ook zijn eigen moeder. Aan zijn zoon die al 12 jaar communicatiewetenschappen studeerde. En aan die gruwelijke vakantie in Tenerife waar de hitte ondraaglijk was - terwijl hij uitdrukkelijk had gevraagd naar een kamer met airco, en aan hoe zijn vrouw hem dat op één of andere manier kwalijk nam.
De geneugten van een gesloten tuin, deel 2
Dinsdag 11 augustus
âAlbaniĂ« heeft ook waterballonnen mee in zijn broekzak.â
De avond was beginnen vallen en tussen de dikte van de hoge struiken scheen amper maanlicht. In het duister van de tuin kon je nog net twee uitgeputte kerels geniepig waterballonnen zien vullen. Die twee geheimzinnige figuren in het donker waren wij; Frankrijk en Albanië. Maar we waren vooral vrienden. Terwijl Frankrijk de slang herhaaldelijk dicht en open kneep, waarna ik de teut van een ballon rond de mond van de waterslang rolde, sprak hij:
âDit is een beetje tussen ons. We zijn dicht bij de bron,â en hij tikte met zijn vrije hand tegen de slang, âĂ©n we winnen de wapenwedloop,â en wees naar mijn hand vol nog te vullen ballonnen, âwe zijn twee supermachten.â âJe moet dit zien als een Mutual Assured Destruction,â antwoordde ik diplomatisch, âzolang wij degenen zijn die nieuwe wapens blijven ontwikkelen, kan de rest van de wereld ons niet volgen. Alle ogen zijn op ons gericht. We doen elkaar voorlopig niets. En mocht er iemand ĂĄnders zijn die durft met ons te sollen, bombarderen we hem plat. Niemand kan ons bevechten zonder dit soort wapenarsenaal.â âKen je dat citaat van Albert Einstein?â âIk weet niet hoe De Derde Wereldoorlog zal verlopen, maar De Vierde Wereldoorlog wordt uitgevochten met stenen en stokken,â citeerde ik plechtig. âWillen we dat op ons geweten hebben?â Frankrijk trok een spijtig gezicht. Het was nu niet het moment om terug te krabbelen. âHebben we een keuze?â bevroeg ik zijn vraag. Tijdens ons gesprek werd er flink wat water gemorst bij het dichtknopen van de ballonnen. Twee geheimzinnige genieĂ«n, op de valavond van een nacht die de geschiedenis zou ingaan; De Aanslag Op Daddy Peter. De adrenaline maakte het ons moeilijk om fatsoenlijk fingerspitzengefĂŒhl tevoorschijn te toveren, maar al bij al brachten we het er goed vanaf. We hadden elk drie ballonnen. Ik begon aanstalten te maken om onze nietsvermoedende tegenpartijen te bestoken, maar Frankrijk hield me tegen. Hij wilde meer wapens. âWaarom meer vullen? Nu hebben we nog het element van de verrassing. Voor je het weet krijgen die twee het in het snotje. Bovendien kan je er niet meer dragen dan drie.â âLuister, AlbaniĂ«, jij moet naar de tafel sluipen en nog meer ballonnen zien te bemachtigen. We kunnen nu niet stoppenâ. We keken allebei voorzichtig over de schouder naar Turkije en Zwitserland die vredig een nieuw biertje hadden genomen en uitrustten onder de platanen. âVolgens mij is het een goed idee om de zetel als armatuur te gebruiken, stockageâ ging Frankrijk verder met grote ogen. Hij zette zijn bril even goed met zijn vrije hand, leunde dicht naar me toe en fluisterde nu gevaarlijk: âze komen er niet achter dat we reserve hebben. Dat is voor het geval als ze de waterslang kunnen afpakkenâ.
Ik blufte mijn weg naar de tafel voor een nieuw biertje en ik kreeg de indruk dat De Anderen (want dat waren ze nu geworden) niets in de gaten hadden. Ik maakte me uit de voeten met een grapje en nam zonder dat ze het zagen een nieuwe lading lege ballonnen mee. Toen deze gevuld waren, besloten we ervoor te gaan. Wat er toen volgde is in mijn hoofd een waas geworden. Koorts, kreten, krijsen, vriendschap, verraad, verontwaardiging, redding, roest, ruwheid, strijd, schrik en uiteindelijk⊠stilte. Zwitserland had geprobeerd de tuinslang van de grond op te nemen en ik kon hem nog net voor zijn voeten grissen. Turkije kneep de slang toe. âVREDE,â riep iedereen in koor, âVREDE!â
En de vrede werd gemaakt. We draaiden samen symbolisch de kraan toe, sommigen meer doorweekt dan anderen. Daarna deed ik de kleurlampen van de platanen aan. En terwijl wij allen als vrienden samen de wonden lekten, deed een doorweekte PapperdĂšlie-heks haar beklag in de struiken.

Anya is live and ready to show you everything. Watch her strip, dance, and perform exclusive shows just for you. Interact in real-time and make your fantasies come true.
Free to watch âą No registration required âą HD streaming
De geneugten van een gesloten tuin, deel 1
Maandag 10 augustus
Het is vandaag maandag en het is warm. Drie dagen lang heb ik in de hitte gezeten, gelezen en nagedacht. Ik heb amper een woord op papier gezet.
Ik heb wel enkele tekeningen gemaakt. Ik heb ook nagedacht om een tekening te maken van De Straatvechters. Ze waren zaterdagavond op bezoek om in de tuin een biertje te komen drinken. Toen het donker werd, knipte ik het lampensnoer in de plantanen aan. Het was een lampensnoer met allerlei verschillende kleurlampen. Dat gaf een mooi beeld. Er gebeuren alleen maar goede dingen onder kleurlampen.
Meteen toen De Straatvechters aankwamen, maakten ze mij erop attent dat er een PapperdĂšlie-heks in mijn struiken zat. âEen papperdĂšlie-heks,â zei Jolan. âEen papperdĂšlie-heks,â bevestigde Wim zonder om te kijken naar de struik. âHier komen al jaren geen PapperdĂšlie-heksen meer. En in deze temperatuur lijkt het me ook geen weer om nieuwe struiken uit te testen. Zoiets is onbegonnen werk. Zeker voor oude tovervrouwen,â verdedigde ik mijn tuin. Ik had alle blaren bijeengeharkt om een propere tuin te kunnen presenteren aan mijn vrienden. Tijdens het opruimen had ik geen enkele heks opgemerkt. Niet één. âToch zit er eentje. Maar ze is misschien even boodschappen doen,â besloot Jolan de discussie.
Toen Hans eenmaal was aangekomen, en we de indruk hadden gekregen dat de hitte was gaan liggen, leek het ons een goed idee om te gaan basketballen op het pleintje vlakbij mijn thuis. Die inspanning hebben we grondig onderschat.
Het basketballen verliep eerst in twee teams die na vijftien minuten brutale, mannelijke viriliteit pijlsnel uitdeinden tot een oververhit verjaardagsfeestje met twee keer twee afgetakelde kinderen. We besloten de impasse te beslechten met een klassieke âiedereen voor zichâ shoot-out. Degene die vanaf de driepuntlijn als eerste wist te scoren, werd voor de rest van de avond Daddy Peter. Ik had enorm veel zin in Daddy Peter zijn.
(Jaarlijks gaan we met De Straatvechters op vakantie naar een warm land. Elke dag maakt iemand kans om Daddy Peter te zijn. Als je Daddy Peter wordt, is alles mogelijk. Soms is er iemand twee dagen na elkaar Daddy Peter. Zo een dingen zijn ook mogelijk. Als Daddy Peter is alles mogelijk. Daddy Peter kan doen wat hij wil, zolang hij maar in het achterhoofd houdt dat alle aardse geneugten van tijdelijke duur zijn. Ook vrouwen kunnen Daddy Peter worden. Als een vrouw Daddy Peter wordt, zijn de aardse geneugten van een even tijdelijke duur.)
De zwoele avond had voor ons waarschijnlijk de associatie gelegd met het Daddy Peter-schap. Eén basketgoal maken vanaf de driepuntlijn, meer moest er niet gebeuren voor de titel. Zonder protest ging iedereen akkoord met de mogelijke uitkomst van de shoot-out en daardoor leek het idee meer van de groep te komen dan van één individu.
Jolan was als eerste aan de beurt om te gooien. Hij droeg sandalen. Het was trouwens door die sandalen dat hij geen betrouwbare loper had kunnen zijn in mijn team, maar door pure wilskracht en expertise hebben we toch stand kunnen houden. Nu was het aan hem om zich alleen te bewijzen. âNext up. Seneca from France,â klonk het op het veld. âLadies and gentleman, welcome to the Daddy Peter League. It is a beautiful and hot day here in Paris, France, and as always the first contestant will symbollically represent the host of this wonderful tournament. Allez les blues.â Jolan schoot en miste. Je kon de teleurstelling bijna horen in het stadion. âNow shootingâŠ,â riep ik toen Wim de bal recupereerde, âSwitzerland!â Zwitserland miste ook.
âVoor wie speel jij, Hans?â âTurkije.â âEen land met een rijke Daddy Peter-geschiedenis. Goede keuze.â Maar ook Turkije miste, helaas. Dan was het aan mij. Aan AlbaniĂ«. Ik was hier om te winnen, maar ik wist ook goed dat het een vriendschappelijk toernooi was. Toch droomde ik van het Daddy Peter-schap. Het was voor mij een troost geweest in deze troebele tijden. Ik raakte de ring. âThere goes Albania!â âLadies and gentleman, keep playing.â âAnd keep politics off the field, please. This is a friendly tournament. There is no place for politics in Basketball,â bracht Jolan uit. âLetâs see if the arrogance of France has cooled down. Only humble players are worthy of the title Daddy Peter,â antwoordde ik plagerig, âMacron is nervously watching from the crowd.â Maar opnieuw gooide Frankrijk mis. De moed zakte in iedereens schoenen. Opnieuw hadden we deze inspanning grondig onderschat. Maar na een paar nipte missers, tikte Turkije uiteindelijk de driepunter binnen. Een verdiende winnaar, dat gaven we allemaal grif toe. Daarna volgde een korte speech van het gastland, en kon Macron nog een positieve spin geven aan deze nederlaag op eigen bodem. Hij was blij dat de jeugd zo veel aan sport deed.
We keerden terug naar de verkoeling van de tuin. Bij het binnenkomen, checkte ik zonder dat de anderen het zagen of de PapperdÚlie-heks al terug in de struiken zat. Ik zag er wederom niet één. De planten zagen er droog uit.
âWil jij de planten water geven met de tuinslang, Frankrijk?â vroeg ik, âdan kunnen we een beetje de politiek bespreken. Immers, na het spel komt de sĂ©rieux.â Frankrijk stemde in en spoot onder luid kabaal van de regenwaterpomp koelte op de planten. Een verfrissing die opsteeg van de grond en zo ook onze verhitte lichamen aangenaam verkoelde. âDe tuinslang is voor een kind de eerste kennismaking met macht,â legde Frankrijk mij uit, âdĂĄn pas snap je hoe macht werkt.â Geheimzinnige stilte. âAlbaniĂ« heeft ook waterballonnen mee in zijn broekzak.â
[Morgen deel twee]
Het spinnenkind - een verhaal door De Dode Van Gogh
Vrijdag 07/08/2020
Vandaag vond ik mijn persoonlijk archief een verhaal terug. Ik heb het blijkbaar geschreven rond Halloween. Het is eens wat anders in deze hittegolf van augustus 2020. Veel leesplezier.
 Het spinnenkind
 Het spinnenkind in een amper gladbevroren straat, kil, het kan een adem zien, zijn eigen? Zijn schoudertas hangt vast aan een kabouterschaduw in kegellicht, dat vanuit het halfopen huis vertrekt en afzwakt tussen twee uiteenlopende lichtlijnen, het staat perfect in het midden, voor een deurbel, hoog, strekt de arm maar geraakt er niet, springt in een stil parcour, de sneakers komen geluidloos terug aan de grond, TINGTONG, een hond? Nee, geen hond, weeral stil, spinnenkind knippert en de stad is weg, de deur, de straat, de stad, de schoudertas, wanneer hij springt komt hij los van zijn schaduw, TINGTONG, kapotte kniebroek, te grote hoodie van zijn broer. Op de snelweg verderop auto's de verkaveling in, uit, nog verder is een dorp en nog veel verder een stad waarschijnlijk in geweld, 93 doden op de radio, of gewonden, of gehandicapten, het kind springt op en laat een seconde zijn eigen schaduw, zijn eigen adem los. Gedempte voetstappen.
 "Waar is je kostuum?" zegt JULES JORDENS wanneer hij de deur opendoet, en lang naar het kind heeft gekeken dat voor hem staat. JULES JORDENS staat, neen leunt, in de deuropening. Zijn kleren ruiken naar look. Er komt een keukendamp van hem af. Zijn silhouette kan roken, zijn ledematen ademen, thans dat zal hij later fantaseren op zijn zolderkamer. Hij kan heel goed koken. JULES JORDENS loert naar de bultige schoudertas van het kind; Aldi Leo's, popcorn, carnavalkaramel, zakjes Grills-chips.
"Ik ben een spinnenkind," zegt het kind, als een ingestudeerd kerklied, zonder te horen wat het hoort, en strekt de arm. Zijn hand gaat open en hangt onbeweeglijk in de lucht.
"Luister, ik ben niet zo voor Halloween. Dat zijn commerciële, Amerikaanse tradities die komen overwaaien en uiteindelijk komt het er op neer dat ik weer bijbetaal. Luister, ben je hier alleen? Het is de bedoeling dat je je verkleed als je Trick or Treat doet. Tenminste, dat is wat ik denk dat je doet. Je bent toch niet verdwaald? Waar zijn je vriendjes, ouders? Het is al donker buiten en ik herken je niet, ben je van deze wijk? Waar woon je?"
"Bij mijn broer," het kind wrijft over zijn warme neus. Zijn hand is koud. "Ik ben niet verkleed omdat ik een spinnenkind ben. Om middernacht verander ik in een spin. Een grote."
"Ik kan je fruit geven, ik heb niks in huis." (JULES JORDENS heeft wel iets in huis maar dat is van hem, hij heeft hier hard voor gewerkt, een paar weken geleden heeft hij namelijk een gedicht voor een hoogwaardigheidsbekleder uit de stad geschreven, hij heeft hiervoor 80 euro gekregen. Hij kocht al: een masker van een silicone varkenskop, die hij versneed tot enkel oren en een neus, een ThaĂŻse afhaalmaaltijd, een muts die hij niet zal dragen, of vergeten, een pak menthol sigaretten.)
 Het spinnenkind wandelt het huis van JULES JORDENS binnen. Het tilt zich op de keukenkast en zoekt in het schap boven het aanrecht. Daar ligt het snoep, zo had JULES JORDENS hem zojuist verteld. Het vult zijn schoudertas met Doritos, chacha's en nootjes van Trader Joe's (ook aldi, maar ze smaken best). Het spinnenkind rommelt in zijn zak en legt zijn carnavalskaramellen in de kast. Die hoeft het niet. Om te ruilen, om te houden, om van af te zijn. Het springt van het aanrecht en huppelt de gang in. Daar zit, neen leunt, JULES JORDENS in een zwak licht pathetisch op één knie. Hij piept, heel even, en kijkt met bolle ogen terug naar het kind.
"Ik wil mijn zakmes terug," zegt het kind, en zonder na te denken schuift hij het Zwitsers zakmes terug uit het dijbeen van JULES JORDENS, deze drukt met trillende handen op de nieuwe rode streep op zijn jeansbroek.
"Probeer me niet te volgen. Zodra ik kan, trek ik me met een draad naar boven en kom ik meteen terug als spin. Dan heb ik ook klauwen en tanden. En die kunnen doorheen je pretentieuze leren laarsjes bijten. Je zegt dat ik niet verkleed ben, maar hoe loop jij erbij? Ik doe de deur niet dicht, dat kan je zelf. En als je leven je lief is, stop je met het roken van die mentholsigaretten, die zetten namelijk je longblaasjes open. Op die manier zijn ze heel schadelijk. En een beetje verwijfd. Maar het is 2019. Dan mag je gerust vrouwendingen doen, zolang je maar eerlijk blijft aan jezelf."Â