#444 - Waarom STOPT de overheid met waarschuwen - JACK&JOZEF - Real.Raw.Everyday.
Gisteren sprak ik met iemand die zei: "We doen zo alsof alles altijd onder controle is. Maar dat is precies wat ons blind maakt voor de realiteit." Het Ebola-virus ligt daar ver weg in Afrika, maar wat als die dreiging zich onze kant op beweegt?
Wat me echt raakt, is dat onze systemen, die luchtalarmen, die digitale systemen, allemaal zo kwetsbaar zijn. En ja, we schalen het af, omdat het geld kost. Maar wat als die kostbaarheid uiteindelijk ons geluk, onze veiligheid, onze toekomst ondermijnt?
We denken vaak dat we alles kunnen beheersen, alsof we de wereld in onze hand hebben. Maar de geschiedenis leert ons dat we te klein zijn voor zulke grootheden. Het is tijd om niet alleen te kijken naar de onmiddellijke problemen, maar ook naar de onderliggende kwetsbaarheden die ons fataal worden.
Anya is live and ready to show you everything. Watch her strip, dance, and perform exclusive shows just for you. Interact in real-time and make your fantasies come true.
✓ Live Streaming✓ Interactive Chat✓ Private Shows✓ HD Quality✓ Free Actions
Free to watch • No registration required • HD streaming
Verhalen over bijzondere archeologische vondsten in de nieuwste kroniek. De nieuwe archeologische kroniek is nu in te zien. De kroniek is een bundeling van verhalen en foto’s van archeologische vondsten die in 2024 in Noord-Holland zijn gedaan. Provincie Noord-Holland brengt jaarlijkse de archeologische kroniek uit. Jelle Beemsterboer, gedeputeerde voor Cultureel Erfgoed: “Vondsten in de bodem vertellen verhalen over hoe het... https://www.haarlemupdates.nl/2025/10/28/verhalen-over-bijzondere-archeologische-vondsten-in-de-nieuwste-kroniek/ #Haarlem #Verhalen #kroniek #NoordHolland #vondsten #archeologie
Is het de verwondering, de nieuwsgierigheid, de zorg voor de staat van natuur of gewoon omdat verhalen verteld moeten worden?
Laten we dan maar met dat laatste beginnen.
Afgelopen zaterdag was in het kader van de Nacht van de Steenuil een avond zoektocht vanuit Damme. Georganiseerd door Natuurpunt (wist je trouwens dat Natuurpunt uitstekende natuurtochten / inspiraties organiseert?). Hoedanook: Damme-avond-steenuil. Klein zaaltje, ze zijn grootse aan het bouwen in Damme, maar dat duurt nog even. Natuurpunt beheert een aantal laag liggende velden meest ten westen van de oude stadsmuren van Damme. Klein zaaltje dat met 20 stoelen al vol stond. Maar tegen het begin van de intro waren er meer dan 40 man/vrouw en een enkele kind. Daarnaast stonden er ook een aantal in de gang. Zeker een goede opkomst, bemoedigind dit, wat met de vele concurrentie van al wat naar je gerieflijke bank gestraald wordt.
Steenuil - klein - vooral levend op erven - voed zich veelal met verrassenderwijs wormen, hoewel ik meen te herinneren dat meikevers hoog op het steenuilen menu stonden. Vliegt niet ver weg. en maakt geluid. Hij moet ook wel dicht bij ons huis leven, maar ben hem/haar nooit tegengekomen.
Hoewel we zeker waren om een steenuil te zien was het nog zekerder dat we er een zouden horen. Dus volgde alle geluiden van de steenuil. Gedurende de intro werd allengs bekender dat het zien een heel misschien zou worden, horen als we geluk hadden.
Maar na 3 kwartier erop uit. We liepen een laantje af, na 500m werden geluiden afgespeeld. Tegenover een oorverdovend stilte. Dan moesten we maar verder, weer 500m, dan weer. We kregen nog een in de verte toeterende bosuil te horen. Maar geen steenuil. Wind nam toe, temperatuur zakkend. Geen paniek, volgende halte toch zeker. Nee ook niet, nog 1 plek om de nu 1 uur durende tocht door het donker. En jawel een steenuil antwoorde uit de duisternis.
Dat hebben we dan ook weer gehad. Een leuke avond, spannend, koud ook. En we weten nu dat ze er zitten, de steenuilen.
Het is geen visserslatijn, de korte verhalen die verteller Douwe Kootstra in het boek FISK heeft laten afdrukken. En die in beelden zijn geïllustreerd door Tjibbe Hooghiemstra. De vertellingen zijn echter voor de meeste Nederlanders en alle andere mensen over de grenzen – met uitzondering van de zogenoemde Friezen om utens – een vreemde onleesbare taal, maar dat maakt het nog geen klassieke bluf. Douwe en Tjibbe zijn beide geboren Friezen, dus is het nauwelijks verwonderlijk dat de verhalenbundel FISK ook deze signatuur heeft. Beelden strekken natuurlijk over grenzen, zijn universeel. Teksten daarentegen zijn aan land en plaats gebonden. In het geval van Kootstra is dat een handicap. Hij is een geboren verteller en een begenadigd schrijver. Ik breek hier een lans om zijn visverhalen, en eerder zijn hondse verhalen – tevens al de andere bundels van zijn hand – te vertalen in het Nederlands dan wel internationaal in het Engels of een andere wereldtaal. Echter besef ik dat het dan aan kracht kan verliezen, want Douwe Kootstra denkt in het Fries en kan daardoor zijn verhalen in die taal vleugels geven. In een andere taal kunnen deze gekortwiekt zijn.
Maar goed, hoe dan ek, laat ik me hier beter bij FISK houden. Het boek dat ik, evenals de voorganger STABIJ, in één adem heb uitgelezen. Douwe Kootstra weet met gesproken woord zijn luisteraars te binden, maar evengoed in geschreven vertellingen de lezers op de punt van de stoel te krijgen. Mijn blik kan ik niet van de bladzijden en uit de tekst krijgen, totdat de laatste pagina is omgeslagen en er een punt is gezet. De tekeningen van Hooghiemstra maken het lezen en kijken tevens tot een genot. Deze illustraties verduidelijken niet de verhalen, het zijn op zichzelf staande kunstwerken met een eendere inhoud. De vis en het vissen staan centraal in krijt, aquarel en collage op papier of karton. De werken geven een gevoel weer, maar hebben niet zoveel detaillering dat het realistische afbeeldingen zijn. Het raakt een abstracte stemming, die in woorden uitdrukking heeft en in beelden een indruk krijgt.
Douwe Kootstra zit graag eens aan de waterkant te turen naar de dobber in het water. Het is een beschouwende bezigheid, een contemplatieve ontspanning, dat vissen. Het pijltje dat fleurig danst op de glinsterende golven, onrustig de aandacht probeert vast te houden. De attente visser raakt er van onder hypnose, zit stil als een levend standbeeld op de oever of tussen het riet, totdat de sim opeens wegschiet en onder water verdwijnt. Dan komt er actie, schiet hij dan wel zij in de houding om op het juiste moment de vis aan de haak te slaan en de hengel op te halen. Het is een sport, maar ook een van de dagelijkse arbeid afleidende hobby. Kootstra benadert de activiteit van diverse kanten en laat vooral geestige anekdotes en grappige fabels over de tong gaan. Vooral het relateren aan eigen ervaringen maken de vertellingen extra leesbaar en amusant.
Douwe Kootstra “mei graach in fiskje”. Hij is een fervent bezoeker van Sipke’s viskraam voor een lekkerbekje, een makreel, een stuk warm gerookte zalm of een gebakken moot snoekbaars. Zijn favoriete goudvis is de spekbokking, mij loopt bij het lezen van zijn beschrijving het water al uit de mond. En vooral wanneer Douwe Sipke de meest vette vragen stelt over zijn nering: wurdt de fisk djoer betelle? Kootstra is echter vooral liefhebber van zuur als in de rolmops en de zure haring. De verteller vergelijkt verder onder meer het te gebruiken vismateriaal van toen en nu, en geeft tot de verbeelding sprekende voorbeelden van visclubnamen: Hoop op Geluk, Den Roestigh Haeck, Yn waar en wyn, De Oanslach.
En ondertussen stroomt het denkbeeldige water langs de bladzijden, springt er eens een vis uit de getekende golven omhoog. Boomt de visser zijn roeiboot tussen de regels door. Tjibbe Hooghiemstra gebruikt eerder bedrukte vellen uit boeken of een oude ansichtkaart of envelop als dragers voor zijn expressieve beelden. Zo lijken het krabbels in de kantlijn, schetsen van leven in en op water. Zoals Kootstra het werken met en onder water schetst in zijn korte verhalen. Hij laat de dichter, de zanger en de verteller aan het woord over buitenlucht, rust, geduld, het wachten op beet in de ‘lege tiid’: “(…) it kontakt, de smoute ferhalen, de fragen, de antwurden, de filosfyen”. De korte verhalen in het boek zijn gelaagde vertellingen. Want ondanks dat de humor in FISK de overhand heeft gaat het tevens over mensen, over het leven, over vroeger en vandaag kijkend naar morgen. De visser ziet zichzelf in die tijd van leegte, dat moment van rust, het niets van de drijvende dobber. Des te langer hij naar dat kurkje tuurt des te helderder hij zichzelf ziet: “wa bin ik, wa wol ik wêze, wat ha ik by de ein”.
In die verhalen is de schrijver zelf de visser, is hij de dichter, de zanger en de verteller. Het kan waar zijn, stjerrende wier, want het is zo voor gevallen. Het staat op papier, het is werkelijk. En uit de werkelijkheid wordt onder meer het arkje van schrijver Rink van der Velde aangestipt en het Fries Kampioenschap Palingroken krijgt geur en kleur. “Guon saken yn it libben fan fisk en minske bliuwe in riedsel. Dy riedsels binne ek troch taalkundigen net op te lossen. Ik kin der sels wat op omfantasearje mat dat is tige glêd iis.”
De vis en de visser, het zijn elkaars vijanden en meteen ook elkaars vrienden, ze dagen elkaar uit waar meestal de vismaat het onderspit delft. In FISK is het vooral de visser die als held van de hengel en dobber wordt bezongen. Echter zonder vis is er geen visser, het waterdier is een belangrijk onderdeel van de sport en een onmisbaar element van de hobby. Dus hoe moet ik deze tweede samenwerking van beeldend kunstenaar en schrijver-verteller nu helder zien en krachtig omschrijven? “Dat gepiel mei dy angel en alles wat dêrby heart, is eins mar bysaak.” Het vissen is de kapstok, het genieten is de hoofdmoot – goed doorbakken. En Kootstra weet het sappig te bereiden, terwijl Hooghiemstra de vis in een oude krant rolt. €17,90 – boter bij de vis.
FISK. Verhalen van Douwe Kootstra en tekeningen van Tjibbe Hooghiemstra over de vis en het vissen. Uitgeverij Bornmeer, 2025.
De bokking better besjoen, in reuzesnoek út ’e Fryske Wâlden, in fabel fol ûntefreden maitsen, in oade oan ’e dôber. It binne in pear foarby
Anya is live and ready to show you everything. Watch her strip, dance, and perform exclusive shows just for you. Interact in real-time and make your fantasies come true.
✓ Live Streaming✓ Interactive Chat✓ Private Shows✓ HD Quality✓ Free Actions
Free to watch • No registration required • HD streaming
ANGST VOOR HONDEN EN HONDENBEZITTERS KYNOLOGISCH GEBOEKSTAAFD
Het boek van Rob Kerkhoven kan niet zonder een disclaimer. Of in beter Nederlands een oordeelonthouding, voorwaardelijkheidsverklaring of vrijtekening. Hij wil niet aansprakelijk worden gehouden voor de uitlatingen in het boek. Vreemd is dat wel, want de schrijfsels komen uit zijn pen. Maar het zijn slechts verhalen laat hij in de inleiding weten. Verzonnen verhalen met een kern van waarheid, want waar rook is is vuur. Verhalen met inhoud waarin hij het lijdend voorwerp is, de strekking heeft hij pijnlijk aan de lijve ondervonden. Maar toch moeten we deze met een korreltje zout nemen, zo stelt Kerkhoven. Elke gelijkenis met reële gebeurtenissen en/of bestaande personen of personages berust op louter toeval.
Het is nogal een heikele kwestie die Kerkhoven in de uitgave "Hij doet niks hoor" aansnijdt. Hij begeeft zich op glad ijs en dreigt er doorheen te zakken. Raakt hiermee vele hondenbezitters in de ziel, vandaar dus dan ook die vrijwaring. Niet alleen is hij als de dood voor honden, zoals hij omschrijft in 33 kynofobische vertellingen, ook wordt hij zenuwachtig bij de gedachte dat al die liefhebbers van blaffende, keffende en grommende viervoeters na het lezen van zijn geschrift scheldend bij hem op de stoep kunnen staan. "Ontdek liever de humoristische kant van het leesvoer. Lach erom", spelt hij mij op de mouw. Jazeker, want ik ben er ook zo één, die eens te vaak op een wandeling tegen tegenliggers roept "hij doet niks hoor". Na het lezen van het boek hoor ik het me zelf zeggen en probeer me alras te corrigeren.
Het is een fobie, die angst voor honden. Maar evenzo serieus als elke andere fobie dat is. Ik bijvoorbeeld heb angst voor grote hoogten, zelfs staand op de stoeprand zweet ik al peentjes bij wijze van spreken. Zit die paniek tussen mijn oren of is het een ernstige fobie. Gewoon recht vooruit kijken, houd ik mezelf geruststellend voor, de horizon horizontaal in het vizier houden - vooral niet naar beneden kijken. Of hoogtes mijden, maar dat wil niet altijd even goed lukken. Net als Rob Kerkhoven, die wel probeert uit de spanning van de actieradius van de hond te blijven. Maar dit lukt niet altijd even goed blijkt uit de verhalen in het boek.
Inderdaad, op een meer dan grappige manier neemt hij zijn fobie en in minder bedekte termen de hondenbezitter op de hak. Op diverse mogelijke manieren komen letterlijk pijnlijke en figuurlijk gevoelige ervaringen ter sprake. Uit alles blijkt dat hij geen zwak voor honden heeft, in de zin van zwak vlees en een gewillige geest. Het liefst zal hij hondenbezitters uit het straatbeeld bannen om daarmee de harige viervoeters gelukkigerwijs ook kwijt te zijn. Hij heeft het niet op honden en daarmee zeker ook niet op de bezitters ervan.
Meestal kunnen de keffers en blaffers er niets aan doen, want de baasjes hebben hen met cursussen in gehoorzaamheid zo gevormd en mismaakt. Kerkhoven schrijft uit ervaring, zijn getuigenissen zijn geen verschrijvingen hoewel deze weleens worden aangedikt en opgeblazen. Maar goed, met een fobie tussen de oren lijkt de wereld te bestaan uit extravagant grote, in zijn geval, honden. Van een muis maakt hij een olifant, illustreert zijn angst met de metershoge Mannes in Assen op de omslag van zijn boek. Gelukkig ziet hij de humor wel in van zijn eigen vrees, die voor buitenstaanders waarschijnlijk gechargeerd overkomt.
Nadat hij diverse voorbeelden heeft uitgeschreven en opgetekend, op een filosofische en beschouwelijke eigenwijze wijze heeft uitgewerkt, mijmert Kerkhoven over manieren om de hond van de straat te krijgen. Daarvoor heeft hij een manifest met hamer- en sikkelstukken opgesteld. Daarin wenst hij onder meer de bezitters een exorbitant hoge hondenbelasting op te leggen, het aantal beesten per huishouding te beperken en het uitlaten aan banden te leggen. Muilkorven stimuleren en grote en stinkende hondenrassen ontmoedigen. Hond en baas een bewijs van goed gedrag verplichten, zodat ze wettelijk aangesproken kunnen worden op wangedrag. En er dient vanzelfsprekend streng gehandhaafd te worden.
In het buitenland, met name China en Indonesië, is vlees van de hond mits goed bereidt een delicatesse. Kerkhoven is daarom voorstander om van de hond klapstuk, schenkel, ossenhaas en sukade standaard in het vleesschap van de supermarkt op te nemen. Zo ook hondenworst en -gehakt. Hij gooit er zelfs een recept tegenaan in zijn boek, waardoor ik alras sta te kwijlen zoals mijn hond doet wanneer ik een boterham zit te eten. Hij schrijft een hondencoach voor, want voor iedere scheet die dwars zit is tegenwoordig wel een training te vinden. Al deze soorten van instructeurs somt hij op een geestige manier op. Een glimlach kan ik, zelfs als notoire hondenbezitter, zeker niet onderdrukken.
Als een ware vertegenwoordiger in hondenrijwielen, jazeker die bestaan want voor de hondenfan is niets te gek, prijst Kerkhoven hondenkoetsjes, -buggy's, -rollators en -kinderwagens aan. Je loopt voor gek met je hond in een karretje, maar dat is de bedoeling. Kerkhoven somt de voordelen op, maar zijn eigen baat hierbij is dat de hond van de straat is en minder makkelijk hem kan belagen. "De een loopt je omver, de volgende springt zonder enige reden tegen je op, de derde besnuffelt je kruis, een vierde draait almaar om je heen of besluipt je op slinkse wijze van achteren, weer een ander kan niet tegen handen-in-je-zak en dan zijn er ook nog de allergevaarlijkste, de bijtgrage exemplaren." Het veelgeprezen hondenfluitje werkt voor geen meter; de dieren rennen niet jankend weg zoals de fabrikant voorspelt maar komen zelfs dolenthousiast op de fluiter aan.
Niet enkel vaart Kerkhoven dus uit naar de hondenbezitter om hen omfloerst de huid vol te schelden (de uitvaart is overigens tevens een item in zijn boek), ook probeert hij andere manieren aan te geven bij hen roet in het eten te gooien. Naast zijn eigen ervaringen, vervelende ontmoetingen en angstig treffen geeft hij oplossingen om van de kynofobie af te komen. Vooreerst is dat het uitbannen van de hond, zodat de fobist op geen enkele manier meer in aanraking kan komen met de viervoeter. Is de aanleiding verbannen en op zijn best om zeep geholpen, kan de term kynofobie uit het woordenboek worden geschrapt. Geen hond, geen angst. De stoornis is verholpen, de verstoring opgelost. Maar met zo'n groot aantal honden op de vierkante kilometer is dat geen eenvoudige zaak, laat staan dat de baasjes zover te krijgen zijn dat ze hun harige vrienden willen afstaan.
Daarom is Kerkhoven voorstander van een ontmoedigingsbeleid. Voor hem is een hond al de vijand, zoals de wolf dat voor schapen is. Nederland is te klein voor de duizenden honden die aangelijnd dan wel los rondrennen in bossen, op paden, langs sloten en over straat. Hij wil paal en perk stellen. Vrijwel op het eind van zijn 33-delige tirade moet hem iets beschamends van het hart, komt hij uit de kast figuurlijk gesproken. Heel lang geleden namelijk bezat hij zelf een keeshond, een jeugdzonde. Uiteraard volgt er een hondennamen top 10 die in de trant van Rob Kerkhoven niet gespeend is van enige humoristische nonsens. Hij wil, hoewel bij hoog en bij laag tegenstander van de canis is een compleet hondenboek afleveren waar zelfs de hondenbezitter mee uit de voeten kan. Een top 10 van historische en van adellijke hondennamen dan nog, een top 10 voor wanneer je twee honden hebt en een top 10 voor criminele, zeer agressieve bijtgrage monsters. Napoleon, Cerberus, Laurel en Hardy, Mini en Maxi, Osama, Trump - ik hoor het de baasjes nog niet roepen wanneer de hond(en) de tegengestelde richting op rent. Misschien nog wel Augurk, Stinkie of Pisbak. O ja, dan is er nog een topsporter hondennamen top 10, culturele hondennamen, onnozele, melige, stomste en meest vergezochte hondennamen. De duim van Kerkhoven is dik en er wordt gelukkig veel aan gezogen.
Tot slot somt Rob enkele manieren op om toch een onbekende hond veilig te benaderen, want hij weet ook wel dat deze dieren never nooit niet uit het straatbeeld zullen verdwijnen zijn tenlasteleggingen ten spijt. Het zijn steekhoudende adviezen die hij uit monden van diverse hondenbaasjes optekende. Raadgevingen waar de kynofoob iets mee kan, hoewel het mijden en doodrijden ... eh ... doodzwijgen de voorkeur van Kerkhoven heeft.
Het is een vermakelijk boek dat "Hij doet niks hoor", met een serieuze ondertoon. De bangheid schrijft Kerkhoven van zich af. En wat werkt beter tegen angst en vrees dan een stuk humor. Door belachelijk te maken kun je relativeren en van een olifant een muis maken. Met een lach is de traan vergeten. De opgeblazen bibberatie wordt grinnikend doorgeprikt. Maar ik loop wel een straatje extra om met de hond wanneer ik het silhouet van Rob Kerkhoven gewaar wordt. De stuipen zijn hem op het lijf afgetekend wanneer ik zijn schrijven mag geloven. Daar wil ik geen steentje aan bijdragen. "Hij doet niks hoor", hoor ik Emma zeggen. Daar ben ik niet zo zeker van gezien zijn manifest tegen de hond maar vooral anti de hondenbezitter. Het maakt mij robofoop. Ik ga hem voortaan uit de weg. Stel je voor dat hij me omver loopt, zonder enige reden tegen me opspringt, mijn kruis besnuffelt, om mij heen draait en op slinkse wijze van achteren besluipt. Ik durf er niet aan te denken. Ik haal mijn handen uit de zakken en wuif hem vriendelijk gedag. Vaarwel en tot ziens.
Hij doet niks hoor. Kynofobische verhalen. Rob Kerkhoven. Uitgave Boek-scout, 2024.
"Hij doet niks hoor - Kynofobische verhalen" van Rob Kerkhoven is te koop vanaf €19,99 bij Boekscout