...en de egel.
Het is valavond, op mijn buik lig ik uitgestrekt op bed, het hoofd aan het voeteinde, in de aanslag met mijn zaklamp, klaar tot hij komt. Na de vakantie, was hij er plots…eerst wisten we niet goed wat dit geritsel en gesnuif in de struiken betekende, maar door een plotse ontmoeting met Manlief, die ’s avonds zijn dagelijkse sigaretje rookt, werd al snel veel duidelijk…
Er zit een egel in de tuin! Yes!!
Dus vanaf die dag wachten we hem op, hij is zo mooi. Ik ben door het dolle heen, want de egel behoort naast de zwaluwen, landschildpadden en bijen tot mijn top van lievelingsdieren en het feit dat ik er nog nooit één in levende lijve zag, laat staan aanraakte en aaide brengt me naar een niveau van intens diep kinderlijk geluk.
Er zit een egel in mijn tuin, yes!!! Yes!!!Yess!!!
Ook De Kinders staan te popelen om hem te ontmoeten. Ze organiseren geheime bijeenkomsten in het donker van onze slaapkamer, die zich op het gelijkvloers bevindt en wachten geduldig in bijna complete stilte tot het beestje verschijnt. Zalig om te zien… Het internet wordt aangesproken om manieren te vinden, de kleine vriend meer dan welkom te heten: De groene Bekaertdraad moet er aan geloven: op regelmatige afstanden worden er egelpoortjes in geknipt, daarnaast komt een overdekt eethuisje vlak voor het slaapkamerraam met als goodies: kattebrokken, rozijnen, meelwormen en af en toe en vers gevangen slijmerige slak. Het egelhuis is in aanbouw en natuurlijk krijgt het überschattige diertje een naam: Zephyr.
Het is een pienter beestje want als ik de achterdeur, op een avond open laat, omdat De Kinders in de tuin in hun zelf gefabriceerde tent, het is te zeggen een koord met een laken over, willen slapen, betrap ik hem in de garage, op het eten van de duurdere en waarschijnlijk ook lekkerder brokken van Karel, de kat. Ik laat hem rustig doen, tijdens mijn check-up buiten bij De Kinders, maar bij mijn terugkeer blijkt hij spoorloos. Hij zal waarschijnlijk door het felle Tl- licht terug naar buiten gevlucht zijn, denk ik. De volgende nacht echter wordt ik wakker van gesnuif en geknor naast mijn bed en nog voor ik het licht aan doe, flitst door mijn hoofd, damn nu zit hier waarschijnlijk een vies beest binnen, want wat trek je niet allemaal aan met kattenbrokken buiten naast überschattige egels ook, ratten misschien? Maar het is Zephyr en zo komt het dat ik de kans krijg dit mooi diertje voorzichtig aan te raken, op te tillen en te knuffelen. De stekeltjes prikken, maar zijn buikje is zo zacht. Hij kwijlt overvloedig uit zijn mondje en zijn pekzwarte oogjes schitteren… Dat ik zoveel geluk heb, om na het settelen van een bijennest ( zie MissMamaMie en de bijenkoningin.), ook dit te mogen meemaken, doet mij echt iets. Iets? Veel! Vandaar dat ik iedere nacht stilletjes in mijn bed lig te wachten, tot ik hem hoor. Het knarsen van de kattebrokken tussen zijn tanden en het verduwen van het stenen schoteltje met zijn snuit, het smekkelen van zijn mondje in het water,…
Maar plots komt hij niet meer. Ik ben ongerust. Het is nog te vroeg voor een winterslaap, maar één nacht gaat voorbij en nog één. We proberen positief te blijven, maar omdat egels verschillende kilometers afleggen ’s nachts vrezen we toch het ergste… De twee plat gereden egeltjes een paar straten verder, ontnemen mijn hoop, dus beslis ik nog één keer tegen beter weten in zijn schoteltje te vullen… Ik ga met een zwaar gevoel slapen. Plots, heel onverwacht hoor ik de bekende geluiden. Zephyr, de egel heeft die nacht zijn wijfje meegebracht.
Yours truly,
MissMamaMie











