Even.
Stel je een lange gang voor, oneindig in beide richtingen. Aan weerszijden van deze gang staan deuren. Aan de linkerzijde: de even getallen. Aan de rechterzijde: de oneven. Elk getal is een kamer, en elk getal is een persoon. Ze fluisteren onder elkaar, kibbelen over hun bestaansreden. De even getallen dragen grijze mantels, symmetrisch geknipt. De oneven getallen daarentegen zijn wild, ongekamd,…









