Onverwachte ontmoetingen deel 1. Hoop ik.
Na mijn werk fietste ik naar de winkel. Het was druk buiten, veel gejaagde mensen met waarschijnlijk hetzelfde plan als ik, ‘nog even snel boodschappen doen’. Mijn hoofd zat vol, met dingen van werk en met plannen hoe sommige dingen anders moeten, maar ik nog niet weet hoe. Voor de winkel stond een oudere dame, te klooien met haar rollator. Ik stond kort te kijken, want wilde me niet meteen ongevraagd opdringen maar hij leek het echt niet te doen. “Dag mevrouw! Heeft u misschien hulp nodig?” “Ja, nou ja, ik weet het niet? Mijn rollator doet het niet meer?”
Ik gooide mijn tassen neer en ging op onderzoek uit. Werkelijk geen idee waarnaar precies want wat weet ik nou van rollators? De mevrouw bleef maar excuses aanbieden: “Je bent vast druk, echt sorry hoor, ik kan het anders zelf wel proberen?” “Wat had u dan gedacht, dat ik u hier zo liet staan? Tuurlijk niet! Geen moeite hoor.” en ik ging op de grond zitten want ik moest en zou nu dat ding aan de praat krijgen.
Ondertussen ratelde de vrouw maar door. Dat ze net naar de apotheek was geweest en ik heus niet bang hoefde te zijn voor haar rode ogen, want daar had ze dus net medicijnen voor gehaald en het zou overgaan. Of ik echt wel tijd had hiervoor? Dat ze de rollator pas net had en het nog wennen en best spannend vond. Inmiddels had ik het wiel dat blokkeerde losgekregen en vertelde haar (overdreven) trots dat ze weer zou kunnen racen door de straten van Amsterdam. Haar rode ogen veranderden in pretoogjes maar tegelijkertijd zag ik hoe fragiel ze daar stond, stil, in de drukte van iedereen met haast. “Ik weet niet zeker of hij het zo nog wel doet.” zei ze zacht. “Dan gaan we testrijden!” gilde ik ietwat enthousiast terwijl ik met haar mee ging lopen. “Wat ben je een lieverd, niemand heeft meer tijd tegenwoordig. Snap ik wel hoor, iedereen heeft een gezin dat wacht. Heb ik niet. Maar heb wel een kat hoor!” Ik bleef zeggen dat het echt geen moeite was en besloot haar naar huis te brengen. Nadat we een drukke straat waren overgestoken en een woonwijk in wandelden leek ze meer vertrouwen te hebben. Ze stopte met lopen, liet haar rollator los en pakte mijn handen. “Kind, hartelijk dank hoor maar ik durf nu gewoon weer verder. En wat heb je heerlijk warme handen! Die had ik ook ooit, toen ik nog jong was. Ben al 84 hoor! Alles gaat zo snel, vergeet je niet te genieten?” Ik beloofde het en realiseerde me dat alle drukte in mijn hoofd was verdwenen door deze ontmoeting.
En nu moet ik de hele avond al denken aan de lieve vrouw. Dat ik hoop haar snel weer tegen te komen zodat we eens af kunnen spreken en ze weet dat er dan iemand op haar wacht.











