3D printen en de maakindustrie
In het onderzoek van ABN-Amro over 3D printen, dat eind dit jaar verscheen werd voorspeld dat in 2014 veel meer 3D geprinte cadeautjes in de zak van Sinterklaas zullen zitten. Hiermee zeggende dat de vraag naar 3D geprinte producten toe neemt. De toekomst volgens ABN-AMRO ligt bij de 3D Hub’s. Hierbij printen particulieren die geen 3D printer bezitten hun waren uit op een 3D printer van een andere particulier. Dit omdat de ‘grote’ retailers zoals HEMA of Blokker de ontwikkelingen van additive manufacturing wel op de voet volgen maar er niks mee doen. De ontwikkelingen rondom 3D printen in Nederland, ligt voornamelijk bij de particulier. De visie is dat iedereen een 3D printer thuis zal hebben. Dit omdat de trend is dat er minder fysieke winkels zullen komen omdat mensen vooral het voordeel zien in het ‘niet meer de deur uit hoeven.’ De trend is ook dat de consument meer persoonlijke aandacht, authenticiteit en ambachtelijkheid verlangt. 3D printen kan daar de geschikte oplossing voor zijn.
Echter, denk ik niet dat de dit initiatief van de Hub’s vandaan moet komen, of überhaupt van de particulier. Ik denk dat juist de maakindustrie gebruik moet maken van Aditieve Manufacturing. Consumenten zijn gewend dat iets uit de fabriek komt, meestal worden er geen vraagtekens gezet bij het maakproces. De consument is op dit moment gericht op het gemak en zijn niet geïnteresseerd in hoe iets gemaakt is. Daarom zal er niet zo snel een kantelpunt komen dat iedereen massaal over gaat op een 3D printer.Â
De consument wil het gemak om iets te kopen maar dan wel met meer persoonlijke aandacht, authenticiteit en ambachtelijkheid.Â
‘De software wordt telkens gemakkelijker te gebruiken’ is niet de reden waarom mensen dan zelf gaan 3D printen. Op dit moment heeft bijna iedereen een 2D printer thuis welke foto’s kan printen echter wordt er nog steeds veel geprint bij fotowinkels.Â
Mijn mening is dat juist grote bedrijven moeten inspelen op 3D printen, waarbij het producten verkoopt zonder de nadruk te leggen op 3D printen maar wel gebruik maakt van 3D printen. Want deze toepassing kan er voor zorgen dat er aan de behoefte van de consument wordt voldaan.Â
In Engeland maakt het grote publiek op deze manier kennis met 3D printen, voornamelijk tijdens het winkelen. CIO Mike McNamara van supermarktketen Tesco is vergevorderd met zijn plan om bezoekers in de winkel te laten printen. Dit omdat hij ten eerste verwacht dat het nog wel even duurt voordat mensen zelf een printer aanschaffen, en hij bezoekers ondertussen wel deze service wil bieden.Â
De grote voordelen die uit het 3D printen te halen zijn, zijn niet alleen de eisen van de consument om meer persoonlijke aandacht, authenticiteit en ambachtelijkheid te hebben, er wordt verlangt naar meer duurzaamheid die met 3D printen bereikt kan worden. PLA is een bio-afbreekbaar polymeer dat uitstekend te gebruiken is voor 3D printers. Daarbij is het door een 3D printer vervaardigde product, vervaardigd van één materiaal waardoor het goed recyclebaar is. Dit komt omdat 3D printers in staat zijn zonder assemblage, producten kunnen vervaardigen.Â
Toch denk ik dat deze 3D print revolutie zich zal beperken tot het thuis printen van goederen. Wel degelijk zal iedereen een 3D printer in huis hebben over (ongeveer) 10 jaar. Echter goederen blijven toch gehaald worden in de winkel of worden besteld. De besteltijden zijn kort tegenwoordig en het is gemakkelijk te halen in de winkel. Als 3D printers zo langzaam zijn als dat ze nu zijn, zal er altijd worden geconsumeerd in de huidige retail.Â
Waar een HEMA wel op in zou kunnen spelen is het vervaardigen van ontwerpen voor kleine goederen zoals sieraden. Daar dient het nu al op in te spelen om grote merkwaarde te creëren.Â














