Deel 1 Maatschap: welke rechtsvormen zijn geschikt voor samenwerkingen?
Samenwerken in een maatschap
Een bekende samenwerkingsvorm is de maatschap. Dit samenwerkingsverband wordt veelal aangegaan door vrije beroepsbeoefenaars zoals artsen, advocaten en apothekers. Een maatschap heeft als kenmerken dat de maten op gelijkwaardig samenwerken, elke maat inbreng heeft (bijvoorbeeld geld of arbeid) en dat de maten de winst met elkaar delen.
Voordeel
Het voordeel van een maatschap is dat de partijen de inhoud van de samenwerking grotendeels zelf kunnen bepalen. In de wet is de maatschap immers maar beperkt geregeld. Partijen kunnen in de maatschapsovereenkomst onder andere afspraken maken over de financiële aanspraken en de regels over toe- en uittreding tot/uit de maatschap.
Aansprakelijkheid
Iedere maat gaat alleen verplichtingen aan voor hemzelf en niet voor andere maten. Daarnaast zijn de partijen in een maatschap ieder aansprakelijk voor een evenredig deel van de maatschap. Dit betekent dat een maat niet voor de gehele schuld hoeft op te draaien. Wel kan de maat op zijn privé vermogen worden aangesproken voor zijn deel van de schuld. Eveneens geldt dat een partij die tot de maatschap behoortop het tijdstip dat de maatschap een opdracht aanvaardt, in beginsel voor het geheel aansprakelijk is voor een tekortkoming in de nakoming daarvan.
Stilzwijgend maatschap aangegaan
Partijen kunnen ook zonder het afsluiten van een contract (stilzwijgend) door feitelijke gedragingen een maatschap met elkaar zijn aangegaan. Dit volgt uit het volgende voorbeeld.
Voorbeeld
Een aantal dierenartsen hebben jaren samengewerkt. In eerste instantie waren de dierenartsen in dienst bij een onderneming. Vervolgens hebben de dierenartsen eigen ondernemingen opgericht en zijn ze gaan samenwerken. De winst uit dit samenwerkingsverband werd aan de partijen uitgekeerd.
De dierenartsen kregen een conflict. Een aantal dierenartsen waren van mening dat er sprake was van een maatschap en dat de regels rondom ontbinding van de maatschap gevolgd dienden te worden. Zij stelden dan ook een vordering in om de maatschap te ontbinden en af te rekenen op basis van gelijkwaardigheid.
Feitelijke uitvoering
De Hoge Raad en het Hof zijn van oordeel dat er gezien de feiten en omstandigheden tussen partijen een maatschap heeft bestaan. De Hoge Raad geeft aan dat bij het ontbreken van een schriftelijk contract een overeenkomst mede kan worden afgeleid uit een tussen partijen bestaande feitelijke situatie. Het gaat om de uitvoering die partijen aan hun samenwerking hebben gegeven. In dit voorbeeld werkten de dierenartsen samen tegen uitkering van de winst uit de praktijk.
Tip
Wees er op bedacht dat als je samenwerkt er sprake kan zijn van een maatschap of een VOF (vennootschap onder firma), ook al is dit niet vastgelegd in een overeenkomst. Dit kan consequenties hebben wanneer de samenwerking eindigt of voor hoe winsten onderling verdeeld moeten worden. Het is dus verstandig om voorafgaand aan het starten van een samenwerking na te gaan of, en zo ja, welke juridische vorm bij die samenwerking past en dit vast te leggen in een contract.