#001
"Ik ken je niet, maar ik heb nu even met je gesproken en als ik zo in je ogen kijk, denk ik niet dat jij je zorgen hoeft te maken over de studie geneeskunde.”
Vijf jaar geleden kreeg ik letterlijk een duwtje in mijn rug van mijn vader om op de open dag toch maar een praatje te maken met de decaan. We stonden in de Hooglandse Kerk en dit waren dit zijn woorden toen hij me een kwartiertje later weer gedag zegde.
Inmiddels begin ik volgende week, gewapend met zes multimappen handgeschreven aantekeningen, waarvan de grote lijnen hopelijk in mijn hoofd, een stethoscoop en paar jaar extra levenservaring op zak, dan eindelijk aan de coschappen. Ruiken en proeven aan het echte leven. Als mensen vragen of ik er klaar voor ben, antwoord ik maar voorzichtig. De hoeveelheid wetenschappelijke artikelen over het menselijk lichaam groeit sneller dan de haren op mijn hoofd en ik ben nog lang niet klaar met mij daarin te verdiepen, maar ik heb er wel vertrouwen in.
Ik bloos niet meer als ik mensen vraag naar hun seksleven. Ik ken mezelf beter dan wie dan ook. Ik ben niet langer bang, ik heb er zin in om weer aan de slag te gaan!












