Echte verandering of welkome afwisseling?
Ik denk dat het grootste deel van de veranderingen in organisaties helemaal geen echte veranderingen zijn. I've said it. In de meeste gevallen gaat het om niet meer dan welkome afwisseling voor de dagelijkse gang van zaken. En dat is helemaal niet erg.
Het is als het schap in de supermarkt, dat voor de zoveelste keer is omgegooid, enkel om de klandizie eens op een andere manier naar het assortiment te laten kijken (en daarmee meer te verkopen). Het is als de wisseling van de seizoenen. Verandering van spijs doet eten.
Een paar voorbeelden uit menig organisatie:
De functiebeschrijvingen die om de paar jaar weer worden versimpeld (we gaan van 500 naar 50!). Een jaar later komt men er achter dat deze toch wel erg algemeen zijn en ze worden weer specifieker gemaakt.
Het aantal vestigingen dat kleiner wordt, terwijl men zich later realiseert dat het toch slimmer is om klanten lokaal te ondersteunen.
Het aantal managers dat wordt ingekrompen, terwijl men er later achter komt dat een hoop taken toch echt door een extra manager moeten worden opgepakt.
De organisatiestructuur die platter wordt, terwijl men al snel bedenkt dat die teamleider toch wel erg handig is.
Dit noemt men in de economie ook wel de Varkenscyclus. Het is een logische conjuncturele ontwikkeling. Een tekort zorgt voor vraag, een overschot voor vraaguitval.
Dit hoeft niet erg te zijn, ware het niet dat menig veranderingstraject niet zo wordt ingezet. De inzet is vaak een transitie, of groot verandertraject met grote implicaties. Een fantastische bedoeling, die vaak ook heel scherp wordt neergezet. Maar als de uitwerking slechts een varkenscyclus blijkt te zijn, mag het tenminste een nachtkaars worden genoemd en is het niet verwonderlijk dat 80% van de veranderingen mislukt.
Want in de uitvoering gaat het wringen. Dan moeten er ineens compromissen worden gesloten. De praktijk blijkt weerbarstiger dan gedacht en het bedachte model kent toch meer grijstinten. Men realiseert zich dat het bestaande systeem toch niet 1-2-3 overboord kan.
En zo is de verandering verworden tot een welkome afwisseling. Iedereen weet dat het de zoveelste in een reeks is. Bend over, here it comes again.
Hoe voorkom je dit? Het is uiteraard volledig afhankelijk van de context, maar het kan helpen om een tweetal kritische vragen te stellen:
Willen we het systeem wel daadwerkelijk veranderen?
Elk nieuw systeem brengt namelijk nieuwe problemen met zich mee. Alles wat je voor de groep bedenkt, doet afbreuk aan de individuele leden van diezelfde groep.
Kunnen we het systeem wel daadwerkelijk veranderen?
In de meeste gevallen zijn systemen zo complex dat het bijna onmogelijk is om deze te veranderen of het kost een decennium aan tijd.
Eén of twee keer Nee?
Dan is het slimmer om bewust te kiezen voor de welkome afwisseling, zoals het voorbeeld van de supermarkt. In veel gevallen werkt het prima, maar je moet geen illusies wekken over grootse en meeslepende verandertrajecten. Kan een kleine stap in de goede richting niet veel meer stof doen opwaaien?
Twee keer Ja?
Dan kun je twee kanten op: Moedig of Overmoedig. Een visie kan een heel eind komen, gelukkig maar. Het is echter makkelijk gezegd dat het systeem moet veranderen. Het gaat om ontelbare factoren die in samenhang om heel veel doorzettingsvermogen vragen.
En als het systeem blijkt te zijn veranderd is het nog altijd de vraag of dit te wijten is aan de grote verandering of dat het stiekem toch niet gewoon een toevallige samenloop van omstandigheden was. Maar goed, hoe ga je dat bewijzen? Er is tenslotte nooit een controlegroep.
In deze tijd is het zo dat meer mensen een roep doen om de teugels een beetje te laten vieren. En dat zal ook gebeuren. En dan komen er vanzelf weer mensen die de teugels weer aan willen halen. En zo is dit verhaal ook weer een varkenscyclus op zichzelf.