Er ligt zo’n enorme druk op mijn schouders. Alsof er altijd maar iets moet. Alsof alles er altijd uit moet wat erin zit. Van elke dag moet iets mooi gemaakt worden; alleen soms wil ik dat niet. Soms wil ik mijn hele dag verspillen en achteraf tevreden zijn. Ik ben die druk op mijn schouders zo zat. Ik wil geen verplichting voelen om de dag zinnig te besteden. Of de week. Of de maand. Of de zomer. Of het jaar. Ik wil helemaal niet zinnig bezig zijn. Ik wil gewoon doen waar ik zin in heb, zonder een onderhuids schuldgevoel omdat er zogenaamd iets bewezen of voldaan moet worden. Laat me doen wat ik wil.












