Het Nieuwe Instituut, Rotterdam
Bezocht: 17 november 2019
Ik vond de tentoonstellingen van het Nieuwe Instituut heel slecht vormgegeven. Omdat de ruimtes donker waren, was een hele hoop erg slecht te zien. De zwarte borden met witte letters met daarboven nauwelijks verlichting zorgden ervoor dat ik de teksten amper kon lezen. Ook was er helemaal geen route aangegeven, waardoor ik van de begane grond naar de eerste verdieping de brandtrap heb gebruikt in plaats van de helling die daarvoor bestemd is. De Bauhaus Lessons, de “tentoonstelling” die me het interessantst leek, was ongeveer net zo groot als de ruimte die de bank bij mij thuis in neemt. Dit was ook de enige tentoonstelling die wél leesbaar was.
Er was op de derde verdieping een tentoonstelling over computervirussen. Deze derde verdieping bestaat vooral uit roosters, die nét iets lager liggen dan de planken vloer. Omdat de scheiding/ingang een scherm van plastic slierten was (van het soort dat je ook wel tegenkomt in zwembaden, als je naar het buitenbad wilt), kon ik dat niet zien en ik struikelde. Als persoon met hoogtevrees is struikelen en dan 3 verdiepingen naar beneden kijken niet echt een prettige ervaring. Ook bij deze tentoonstelling waren weer die zwart-met-witte-letters borden gebruikt, en de kaarten die aan de felle schermen hingen, waren door het contrast en de felle schermen eigenlijk niet te lezen. Bij het verlaten van het gangpad struikelde ik wéér over dat randje. In de laatste gang van deze tentoonstelling struikelde ik voor een derde keer, dit maal over een snoer wat midden in het looppad was vastgemaakt.
Een ander gedeelte van de derde verdieping ging over iets met vogels, maar waar het precies over ging kon ik niet lezen, omdat er dit keer gekozen was voor een bord van glimmend metaal, met letters erop in dunne lijnen. Bij de werken zelf leken geen bordjes te zijn, tot ik op een van de metalen vogels letters ontdekte. Deze waren echter nóg moeilijker te lezen, en dat was het moment waarop ik het op gaf en naar beneden ging.
Bij het Nieuwe Instituut hoort ook het Sonneveld huis, een in de begin jaren '30 gebouwde villa in de stijl van Het Nieuwe Bouwen. Dit is wat mij betreft het enige wat mijn bezoek aan het Nieuwe Instituut het waard heeft gemaakt. De piepjes van de audio-tour mogen wel iets zachter van mij.
Dat het huis bij het Nieuwe Bouwen hoort is te zien aan het gebruik van moderne materialen, met veel licht, en het gebruik van kleuren om de verschillende functies van de ruimtes aan te geven. Wat mij opviel was dat dit huis gemakkelijk ook in deze tijd gebouwd had kunnen worden, hoewel de inrichting dan toch wat ouderwets zou aanvoelen. Maar in de jaren '70 had dit gebouw mét inrichting zeker niet misstaan.
De badkamers vind ik geweldig, helemaal monochroom in felle kleuren, heerlijk. Ook het op maat gemaakte meubel in de gedeelde salon van de meisjes vind ik heel goed vormgegeven. Vorm, functie en praktikaliteit, allemaal in harmonie. Ook het gebruik van metallic verf, waarvan ik dacht dat het vrij heftig zou zijn, was ik onder de indruk. Ik heb zeker inspiratie opgedaan.
Foto’s uit eigen collectie