Concept Lars op Mars - versie 12
Mars herbergt een geallieerde stad die verdedigd wordt door de Mars marine, bestaande uit twee oorlogsschepen. De geallieerden zijn verwikkeld in een interplanetaire oorlog met de axis-strijdkrachten.
Lars is een piloot bij de Mars Marine. Hij heeft zijn vriend Harry als leidinggevende, die tevens piloot is van zijn eigen schip. De twee piloten zijn vrienden.
Plotseling verschijnt er een object binnen de radar-reikwijdte van de twee schepen. Er komt straling vanaf het object die lijkt te duiden op de aanwezigheid van nucleaire wapens. Harry stuurt een radio-oproep naar het object, zonder antwoord.
Harry denkt dat het object een vijandige raket is die de Mars stad komt bombarderen. Hij vind dat ze naar het object moeten gaan om na te gaan of het een militair schip is, en zo ja, het object vernietigen. Lars vraagt zich hardop af of ze niet beter de Mars stad kunnen evacueren. Harry reageert door te zeggen dat ze nog niet eens weten wat het object is, en dat een evacuatie daarom prematuur zou zijn. Bovendien zouden lang niet alle mensen op tijd geëvacueerd kunnen worden.
De twee schepen starten hun motoren en komen uit de schaduw van de planeet Mars tevoorschijn. Op beide schepen gaat een waarschuwingslampje branden voor een extreme toename van straling. Harry zegt dat dit moet komen door de straling die van het object komt. Lars zegt dat er wat interferentie is op de radar, Harry zegt dat dat waarschijnlijk komt door de straling van het onbekende object. Als ze bijna bij het schip zijn stoten ze hun voorste brandstoftanks af en draaien om zodat ze af kunnen remmen.
Aangekomen bij het onbekende schip komt de vloot tot de ontdekking dat het geen militair ruimteschip is, maar slechts een passagiersschip. De twee piloten beginnen hun analyse. Ze zien geen activiteit aan boord van het schip. Alle lampen zijn uit, alle systemen staan uit. Het schip is stuurloos. Lars merkt op dat er iets niet klopt.
Lars zegt ‘Die straling die we vanaf Mars zagen hè, het komt vanuit elk deel van de romp. Net alsof het hele schip ermee is gebombardeerd’. Hij kijkt door een raam van het passagiersschip heen en ziet dat er levende mensen in zitten. Lars geeft dit door aan Harry. ‘Fuck.’ reageert Harry ‘Jezus. Oke, we moeten ze redden’.
Dan krijgt Lars een waarschuwingslampje bij zijn radar. Hij kijkt naar zijn radarscherm en ziet dat de interferentie die hij eerder zag groter is geworden, alsof het een veld van interferentie is die dichterbij komt. Lars kijkt naar het schip, dan naar de zon, en dan weer naar het schip. Dan buigt hij zich weer over zijn schermen, en extrapoleert de baan van de interferentie. Deze leidt rechtstreeks naar de zon. Lars realiseert zich eindelijk wat er aan de hand is. Hij kijkt angstig naar de stralingsmeter op zijn schip en ziet dat het niveau gestaag toeneemt. Dan draait hij zich met een ruk om en zegt in zijn microfoon ‘Harry, het is een zonnevlam!’
Harry schrikt, en besluit dat het te gevaarlijk is om te blijven. Hij keert zijn ruimteschip om. ‘Harry, we hebben een plicht om die mensen te redden, waar ga je heen?!’ schreeuwt Lars. ‘Dat is een verloren zaak, ik ga terug’ reageert Harry, en hij start zijn motoren.
Lars kijkt in verbazing Harry’s ruimteschip na, dat teruggaat naar Mars. Hij kijkt naar zijn console, waar een navigatie schema zichtbaar is voor het terugkeren naar Mars. Dan kijkt Lars weer naar buiten. Zijn ogen gaan van het schip van Harry, naar de achterkant van zijn eigen schip. Hij kijkt naar de lege plek waar de voorste brandstoftank zat. Dan kijkt hij naar het passagiersschip, specifiek de capsule waarin de mensen zitten. Lars komt op een idee. Hij activeert zijn wapensystemen en richt zijn geweren op het frame waar de passagier-capsule aan vastzit. Lars drukt op de ‘vuur’-knop. De geweren lossen hun schoten en vuren tegelijkertijd hun stuwraketten af om de terugslag tegen te gaan. De kogels vliegen in het rond, en raken het frame onder de passagier capsule. Het wordt aan stukken gereten, en de capsule komt vrij te zweven. Lars is blij. De golf van straling komt echter steeds dichterbij, hij is bijna bij hen.
Lars maneuvreert zijn schip onder de passagiers-capsule. Zijn consoles beginnen echter noise te vertonen. Op een console is te zien dat het stralingsniveau nog steeds toeneemt. In een computerkast ontstaan er stroompjes tussen de printplaten. Het schip van Lars is nu bijna in positie bij de capsule. Maar dan sluiten de printplaten kort. Er volgt een elektrische ontlading in de cockpit. Lars wordt heen en weer geschud in zijn stoel door de daaropvolgende schokken. Een aantal consoles worden zwart. Lars probeert met zijn joystick het schip weer onder controle te krijgen, maar dit haalt niets uit. Het schip is stuurloos, en zweeft langzaam weg van de capsule.
Harry is ondertussen ver van Lars, dichtbij Mars. Hij zet zijn raketmotoren uit en kijkt achterom. Zijn gezicht vertrekt, hij lijkt vertwijfeld. Op zijn radarscherm ziet hij de stralingsgolf dichterbij komen. Harry is er verder vandaan dan Lars.
Lars kijkt naar de consoles die het nog wel doen. Hij ziet dat zijn wapensystemen nog operationeel zijn.
-Â Â Â Â Â Â Â Wie zijn deze karakters?
-Â Â Â Â Â Â Â Het hoofdkarakter heeft nog geen doel/verlangenÂ