Herman
Ook op de camping ontsnap je niet aan de herfst. Met alles wat dit onprettige jaargetijde met zich meebrengt.
En dan heb ik het nog niet eens over het vochtige, natte klimaat. Of over slagregens die modderpoelen voor de deur veroorzaken waarin je met zo'n zuigend geluid tot je enkels in wegzakt -als ware het een moeras. Of plensbuien die een zo glad terras veroorzaken dat je er met gevaar voor eigen leven schaatsend overheen moet om de deur te bereiken.
Nee, daar gaat het nu even niet over.
Met het najaar verschijnt er plots een geheel nieuw fauna binnen de omtrek van onze caravan. Naaktslakken. Kikkers. Poezen (niet seizoensgebonden). Duiven. Eksters. Sommige van deze soorten vinden dat zij ook hun intrek in de caravan moeten nemen. Kruisspinnen bijvoorbeeld. En sinds vorige week Herman. Onze veldmuis.
Waar Herman eerst voor paniek in de tent/caravan zorgde (‘Ik zie staart!!!!’), weten we nu dat hij zich vooral manifesteert als het donker is ('Hé, was dat Herman?’). Herman hoort er een beetje bij. Herman kreeg een naam. Herman is -uh was-ons geheim, want is dit weekend ontdekt door een van onze kinderen.
'Mam, ik zag een muis’ , was eerst het laconieke pubercommentaar. Waarna Herman onder de rommelkast schoot. De toch wel een beetje geschrokken, iets minder heldhaftige puber barricadeerde vervolgens met een weekendtas vol vuile was zijn caravankamerdeur. Geen plaats voor Herman hier.
Herman zagen we niet meer die avond. En daarna ook niet meer. Herman nam het hazenpad denken wij. In de late uurtjes van de vrijdagavond heeft hij eieren voor zijn geld gekozen en is door de buitendeur na buiten geglipt. Op weg naar vrijheid. Weg van stinkend wasgoed.












