Hollands eten
āIk wil eerst gewoon Nederlandse hapjes leren eten, zegt hij langzaam en nadrukkelijk. āGeen Italiaanse, geen Chinese, gewoon Nederlandsā.Ā āMaar zuurkoolstamppot is Hollands eten, zeg ik, terwijl ik de fiets in de schuur zet. āHollandser kan het nietā, voeg ik er aan toe. āHolland ligt niet in Nederland, mama. Wachtā, corrigeert zoon zichzelf, Ā āik ken wel Hoek van Holland. Dat is het strand. Vlak bij Oma. Ā Nee, ik hoef geen stamppot, ik wil gewoon pizza etenā.
Even later aan tafel zegt zoon tussen twee happen door: āik ben verliefdā. Zo, zeg ik en kijk hem aan. op Zara en op Quinty, vul ik in gedachten in. āOp de bomen, want die geven ons zuurstofā zegt hijĀ triomfantelijk. āEn recycling is dat je iets ouds in iets nieuws verandertā. Hij kijkt erbij alsof hij me tuk heeft.
Mag Manuel morgen na school bij me spelen? Ik knik. āHij gaat me laten zien hoe je level vier kunt halenā. Maarten heeft onlangs zijn zelf-bij-elkaar-gepoepte Nintendo DS, in ontvangst mogen nemen. Een plechtig moment. En eerlijk verdiend. Eindelijk heeft hij zijn angst overwonnen.
Na het eten lees ik de mail van Meester Henk: de weeksluiting van de onderbouw gaat dit keer over de natuur, onze aarde en ons project āmaken en gebruikenā. Ā āAhaā, denk ik.
21 maart 2014
















