Waarom (2) - Het vrije leven
'En je werk dan? Je hebt zo'n goed werk!'
Onder goed werk verstaat mijn grootmoeder: vast werk dat niet slecht betaalt voor hetgeen je moet doen. Aangezien ik zeer weinig moet doen en toch evenveel verdien als bijvoorbeeld een fabrieksarbeider die acht uur per dag dozen moet stapelen, heb ik in haar ogen goed werk.
Het is voor haar dan ook onbegrijpelijk dat ik dat werk zomaar opgeef om eventjes naar Nieuw-Zeeland te gaan; het land waar ik niets zal hebben, een sukkelaar zal zijn en dood zal gaan van de honger.
'En wat als je terug bent? Dan heb je geen werk meer.'
'Wie wil werken, vindt werk', zeg ik dan. Of: 'Het leven is meer dan werken.' Iets wat zij niet begrijpt en dat begrijp ik. Zij komt uit een andere generatie. Geboren enkele jaren voor de Tweede Wereldoorlog, gaan werken vanaf haar veertien jaar. Onder dwang van en uit respect voor haar ouders. Uit zelfrespect ook. 'Alleen harde werkers geraken ergens in het leven', was toen het motto.
Maar vandaag is vrije tijd het sleutelwoord. Velen beseffen langzaamaan dat het leven meer is dan werken. We moeten ons gelukkig prijzen dat we elke dag kunnen doen wat we graag doen. Waarom zouden we het dan niet doen?
Zo zit ik nu al bijna vier jaar, vijf dagen op zeven, acht uur per dag, voor een computerscherm. Taken uit te voeren die mij niet interesseren. Opdrachten te volbrengen die mij geen voldoening geven. Ik heb een diploma journalistiek, maar er is nauwelijks werk als journalist. Toch geen werk dat ik graag doe. Is dat dan het leven?
Het klinkt lachwekkend, maar ik heb voorlopig mijn deel gedaan. Al vier jaar offer ik mijn vrije leven op omdat het economisch systeem dat verwacht. Als een van de vele slaven die geld verdienen om geld te kunnen uitgeven. Met alleen levensvreugde in het weekend. En dan nog. Dan feesten en drinken we om alles te vergeten, zoals zovelen.
Dus oma, daarom ga ik naar Nieuw-Zeeland. Voor het vrije leven. Omdat dat hetgeen is dat ik wil doen. En werk is het minste van mijn zorgen. Want niemand kan mij beloven dat ik later nog kan gaan.









