Motivatie
Theorie:
Interne en externe motivatie
Interne: Drive, komt vanuit jezelf. Je ziet het doel sneller > hoger doel
Externe: > School > Cijfer > Werk > Geld
Externe motivatie is prominent aanwezig in het school systeem. Dit zit in de weg van de interne motivatie.
Motivatie is altijd in relatie tot een doel. Motivatie is gedrag gericht op een doel.
Krachten en invloeden kunnen je doel “vertragen”. Ze zorgen voor een gedrag (kenmerken) die je vertoond/ lokken uit tot de relatie van het doel.
Het is een cyclus > negatief beïnvloed de krachten nog meer.
Self destroying prophecy
Als docent kun je positieve energie in brengen bij de krachten. Licht de succes ervaring uit bij de leerling.
Koppelen met het Behaviorisme >
Thorndike
Law of effect Gedrag wordt sneller vertoond als er een positieve reactie op volgt. > operant & klassieke conditioneringen.
The law of readyness Wanneer je er klaar voor bent om een bepaald gedrag te vertonen is de kans dat je dat gedrag vertoond groter.
Arousal theory
Perceptie > gedrag en interne reacties > gevoelens.
Waarneming > lokt gedrag uit > gevoelens
Vb: toets moeilijk > ziet een ander werken > zenuwachtig/bang enz. Praktijk:
Les 5 + les 6
Motivatie
Externe motivatie zie je veel meer dan interne motivatie. Toch zie je dat bij het veranderen van de generatie een voorkeur komt voor interne motivatie. Jongeren kiezen vaak voor een doel wat voor hun zelf belangrijker is dan bijvoorbeeld geld verdienen, of een opleiding die gericht is op interesse en niet op het vinden van een baan.
Op scholen is het nog steeds heel gericht op externe motivatie en niet de interne motivaties van de leerlingen. Op stage vragen leerlingen vaak aan mij of ze het voor een cijfer maken of waar de docent op gaat letten. Ook vragen ze als ze hun werk laten zien of het wel een voldoende waard is. Zo zie je dat ze het alleen voor het cijfer aan het maken zijn en niet om hun creativiteit te uiten. Dit is jammer want ze hebben allemaal talent alleen maken ze het alleen omdat het moet. Ze ontwikkelen zo minder hun interesse of zien niet snel in dat interne motivatie belangrijk is bij hun werk. Als docent wil je graag horen dat je het uit zichzelf willen doen en waarom zij de keuzes maken die anders zijn dan de anderen.
Het doel staat vaak teveel vast en leerlingen denken niet dat ze hier met hun eigen ideeën tussen kunnen komen. Als docent kan je op die interne motivatie inspelen door er een positieve reactie te laten zien. Je kan het ook zo stimuleren binnen een klas, “zo kan het ook…” “je bent vrij om je eigen ideeën in te brengen..”. Zo kijken de leerlingen op een positieve manier naar elkaar.
Toch kan dit volgen hebben op de motivatie. Het kan namelijk ook negatief naar boven komen doordat leerlingen zich met andere vergelijken. Vaak hoor je ook de termen “hij heeft het zo mooi gemaakt en dat van mij is gewoon lelijk” op stage, waaraan je kan zien dat ze nog veel naar elkaar kijken en hun eigen kunnen niet zien. Als docent kan je bij iedere leerling hun positieve kanten uitlichten zonder iemand zich er slecht over te laten voelen. Dit door positieve feedback uit te lichten. De feedback van een docent is en blijft belangrijk voor een leerling dus het is belangrijk om hier op in te spelen om zo het beste uit een leerling te krijgen.
Met de leerling zou je de attributietheorie kunnen bespreken en laten zien dat meerdere prikkels mee spelen op je motivatie (succes en falen). En dat dit niet negatief is maar positief. Het lijkt mij dat zo elke leerling zichzelf zo meer leert kennen en leert dat dit goed is. Je leert voor jezelf en wilt die interne motivatie vinden.









