Kalimbo 2: Voorbij de einder
Crisse / Fred Besson
Het eerste deel van Kalimbo was een lichtvoetig en grappig dierenverhaal, dat me deed denken aan tekenfilms als The Lion King en Ice Age en dat veel jonge dieren bevatte als personages. Wel erg lichte kost voor een volwassen publiek, maar een uitstekende kinderstrip, zo herinner ik me, en reacties van jonge lezers bevestigden dat.
Drie jaar later verschijnt dan eindelijk dit tweede deel. Een eeuwigheid, als je een jong publiek aan je wilt binden. Het verhaal viel me tegen. De eerste Kalimbo voelde fris, misschien zelfs beter dan de gemiddelde Crisse (wiens verhalen ik vaak moeizaam vindt lopen), maar dit tweede deel sleept zich voort. Het draait om een ruzie tussen de mandrils en de bavianen (die elkaar in werkelijkheid nooit tegenkomen), die geslecht moet worden door de gorilla Malak, koning der apen. Een makaak (En geen makak. Zoals het ook geen aardvark is maar een aardvarken. En geen opoe (v) maar opa (m). En een arm vol bananen, appels en mango's is geen groentenfestijn. Mijn god Xmed, leer een vak.) wordt erop uitgestuurd om Malak over te halen. Een derde van het verhaal gaat op aan de zoektocht, een derde aan het overhalen van Malak en een derde aan geruzie tussen apen. De dialogen zijn langdradig. Het lijkt wel alsof Crisse het eerste wat in hem opkwam heeft opgeschreven en niet de moeite heeft genomen te schaven en te herschrijven. Vooral het derde deel heeft daar onder te leiden. Waar het gemopper van Kalimbo en zijn metgezellen met moeite gezien kan worden als een komische noot, gaan de scheldpartijen van de apen toch snel tegenstaan. De oplossing die Malak biedt om de vechtende partijen te scheiden is bovendien flauwekul. (De ruzie ontstond door voedselgebrek en Malak lost het op door te zeggen: "Eet meer groente en fruit". Maar dat is er dus niet.)
Dit tweede deel van Kalimbo is klagerig en traag. Het gevoel van een frisse, nieuwe serie is verleden tijd. Misschien dat dit deel volwassenen wat meer aanspreekt, als kinderstrip is het in ieder geval weinig geslaagd. De hoofdpersonen zijn op een enkeling na sikkeneurige, oude dieren met kwaaltjes en de woordkeus is voor kinderen te moeilijk (esthethisch oog, harmoniërende pastels, seniel). Er is ergens in het proces van schrijven/vertalen/redigeren duidelijk geen rekening gehouden met een jeugdige doelgroep. Voor welke doelgroep men dit album dan wel gedacht had, is mij eerlijk gezegd een raadsel.









