Om ons ontwerpidee en onze vooruitgang goed te kunnen voorleggen, kregen we de opdracht om een ontwerpdossier samen te stellen. Hierin tonen we de weg die we reeds afgelegd hebben en argumenteren we bepaalde keuzes van de constructie. Hierin zitten dan ook een hoop 2D-tekeningen van de onderdelen en ook van het geheel. Aan de had van ploftekeningen kunnen we ook op een gemakkelijke manier tonen hoe de poten in elkaar zitten.
Het vierde prototype is nog in de maak en wordt er een op ware grootte. Zo zullen we kunnen onderzoeken of de afmetingen die we berekend en gekozen hebben niet te groot of te klein zijn. De bestuurder moet namelijk plaats genoeg hebben om het voertuig aan te drijven. Maar de constructie mag dan ook niet te groot worden of het zou wel eens erg veel kunnen wegen en dan wordt het lastiger om vooruit te geraken. Het prototype is volledig uit hout gemaakt en is voorzien van een gocart-stoeltje.
Voor de verbindingen tussen de onderdelen van de poten zijn we verschillende opties aan het onderzoeken. We kunnen gebruik maken van een gewone bout en moer verbinding, maar ook kunststof lagers, koperbussen en pennen met spillen.
We hebben al eens een simpele bout en moer verbinding vergeleken met een verbinding waarbij we een stuk pvc-buis gebruiken. De bout en moer verbinding bewoog heel soepel maar er zat ook wat speling op de verbinding. De verbinding met pvc-buis bewoog heel stroef. Dit kwam waarschijnlijk vooral doordat er geen passing op de gaten zat.
Daarna hebben we contact genomen met Igus en enkele kunststoffen proeflagers besteld. De verbinding die we met deze lagers gemaakt hebben verliep soepel maar er zat ook nog wat speling op omdat de as die we hiervoor gebruikt hebben iets te dun was. We zijn wel van plan om deze lagers te gebruiken in onze constructie.
We zouden het voertuig liefst met menselijke krachten aandrijven. Dit door met armkracht aan een wiel te draaien. Als deze beweging te lastig zou zijn, zouden we overschakelen naar het gebruik van elektrische motors. Voor de overbrenging van de aandrijving naar de krukas kunnen we een tandwieloverbrenging gebruiken of een kettingoverbrenging. Dit zijn we nog aan het onderzoeken. Hiermee moeten we rekening houden in het opbouwen van de constructie. We moeten ruimte voorzien voor verschillende alternatieven.
We zullen gebruik maken van een reductie aan de aandrijving. Als we van een klein naar een groot tandwiel overgaan, d.m.v. een tussentandwiel of een ketting, heeft de bestuurder minder spierkracht nodig. Hiervoor hebben we enkele prototypes gemaakt.
Voor de tandwieloverbrenging werden drie tandwielen met een verschillende grootte en verschillend aantal tanden gelasercut. Elk tandwiel bestaat uit drie lagen die op elkaar gelijmd zijn. Doordat de tandjes te klein waren, verliep de overbrenging niet goed en hebben we tandwielen met grotere tanden gelasercut. Deze overbrenging verliep veel vlotter. Het grote tandwiel heeft een steekdiameter van 90mm en heeft 30 tanden, de kleine tandwielen hebben een steekdiameter van 45mm en hebben 15 tanden. Ze hebben dus allemaal een modulus van 3.
Voor het onderzoek naar de kettingoverbrenging hebben we een fiets gebruikt die drie verschillende tandwielen heeft aan de pedalen en zes verschillende tandwielen heeft aan het achterwiel. Door de ketting op verschillende tandwielen te leggen, kunnen we gemakkelijk onderzoeken welke overbrenging het best is voor onze constructie.