De loop van de herenweg tussen ’s-Gravenhage en Hillegom
In de voorgaande afleveringen heeft u kunnen lezen over het ontstaan de ontwikkeling van de Herenweg door de eeuwen. De route van Herenweg is nog steeds herkenbaar, maar op veel plaatsen heeft de Herenweg andere namen gekregen.
We nemen u mee over de Herenweg beginnende bij het Binnenhof in ’s-Gravenhage.
We komen langs het Haagse Bos
Voor de graven van Holland was de ligging van het Haagse Bos, dat zich toen nog tot ten zuiden van Den Haag uitstrekte, waarschijnlijk een van de redenen om daar in de 13e eeuw een verblijf te bouwen dat we nu kennen als het Binnenhof.
In het begin van de Tachtigjarige Oorlog werd in het Haagse Bos gekapt door militairen van beide kampen voor de aanleg van verschansingen. Zo werd in 1571 een zesde deel van de eiken gekapt om een verdediging te bouwen tegen Spaanse troepen.
In 1575 besloten de Staten van Holland om het hele bos te kappen en het land te verkopen ter vereffening van de schulden van de Tachtigjarige Oorlog. Door protestacties werd dit plan verijdeld en bleef het bos gespaard. Op 16 april 1576 ondertekende Willem van Oranje de akte van Redemptie waarin werd bepaald dat het bos niet verkocht mocht worden om gekapt te worden.
Op weg naar Wassenaar passeren we de Landscheidingsweg. De naam verwijst naar de landscheiding tussen de hoogheemraadschappen Rijnland en Delfland. De weg werd aangelegd op het talud van de voormalige spoorbaan naar Scheveningen, die in 1953 werd stopgezet. De straatnaam werd vastgesteld in 1958. De straat loopt vanaf de Van Alkemadelaan naar de Grens gemeente Wassenaar.
In Wassenaar vinden we de “Heerweg” tegenwoordig terug als de N44/A44. De weg werd rond 1805 bestraat op initiatief van bewoners van het aan die "Heerweg" gelegen Huize de Paauw.
Om de Oude Rijn te passeren moest er overgestoken worden bij de Haagsche Schouw. Al in de 16de eeuw is Het Haagsche Schouw een veerhuis.
Vroeger was hier een veer maar de eerste brug werd gerealiseerd in 1801. Tot 1912 moest bij Het Haagsche Schouw tol betaald worden om van Wassenaar naar Leiden te gaan.
In Oegstgeest moest men via een brug de Vliet passeren en kon de weg vervolgd worden richting Sassenheim, passeren het Kerkplein, via De Teylingerlaan kunnen we bij de ruïne van Teylingen komen.
In Lisse gaan we, na de ruïne van Dever gepasseerd te zijn over het Vierkant het dorpsplein van Lisse door naar Hillegom.
In Hillegom eindigt deze aflevering bij de pomp die staat op plein voor de Kerk.
Tram
De tramlijn Haarlem – Leiden, ook wel 'Bollenlijn' of 'Bollentram' genaamd, is een tramverbinding door de Bollenstreek, die bestond van 1881 tot 1949.
De complete lijn was in amper een jaar tijd tot stand gekomen. De baan was grotendeels enkelsporig aangelegd, op de meeste plekken aan de oostzijde van de weg, en telde zes wisselplaatsen. Al snel na het begin van de exploitatie bleek de baan te licht te zijn voor de zware stoomtrams. Regelmatig deden zich ontsporingen voor.
In 1884 ging de NZHSTM failliet, om meteen daarop opnieuw opgericht te worden onder dezelfde afkorting en met de toevoeging: 'Haarlem-Leiden'. Ook deze nieuwe NV, vanaf 1909 NZHTM geheten, leidde een kwijnend bestaan.
25-7-26















