Woede
(over het vuur dat vraagt om vorm) Woede komt niet als een vreemdeling binnen âze klopt niet, ze stormt,ze beukt op de borstkas,brandt achter de ogen,hijgt in je keel als een woord zonder rem.Ze zegt: âVecht terug. Schreeuw. Gooi. Verbreek.âEn o, wat is het menselijkom toe te geven aan die roep.Maar niet het voelen is zonde.Het zondige schuiltin het botvieren,het breken van bruggenomdat je hartâŚ


















